Boekgegevens
Titel: Aardrijkskunde van Nederland
Deel: 3e leerboekje Aardrijkskunde van Nederland voor H.B.S., Gymnasia, enz
Auteur: Beekman, A.A.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1891
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1253
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205686
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijkskunde van Nederland
Vorige scan Volgende scanScanned page
121)
ileiiberg naar 's Boscli, vroeger tot Holland behoorend, heeft nog
eene bevolking die te midden van het Katholieke Brabant voor
«en groot gedeelte niet Katholiek is. Geographisch heeft deze streek
ook een tweeslachtig karakter; zij behoort deels tot het alluvinm,
^n heeft daardoor belangrijken hooibouw en hooihandel (bl. 69) ,
deels tot het diluvium. Zeer belangrijk is de nijverheid van leer en
-schoenen. Aan den grooten weg : K a a m s d o n k (hooi), W a s-
p i k , 's G r e V e 1 d n i n-K a p e 11 e , B e z o o i e n , W a a 1-
w ij k , de voornaamste plaats met looiersbeurs , B a a r d w ij k ,
IJ r u n e n , Nie u w k u i k en V l ij m e n , welke laatste drie
veel hop en groenten telen Zuidelijker: Dongen met 100 en
Loon op Z a n d met 50 leerlooierijen.
In „</t? Buroiiie": Ocsterhout (11000), landstadje aan den
stoomtram Breda—Geertruidenberg met zijtak naar Dongen , heeft
veel houtteelt cn looierij , fabr. van sigaren , meekrap, suiker,
biljarten, enz.; haven naar de Donge. Breda (22000) is eene
levendige plaats met een minder sterk Brabantsch type dan andere
steden dezer Provincie, een gevolg van het groot garnizoen , de Kon.
Mil, Academie lot opleiding van ofticieren en de vele gepensionneerden
die er wonen, evenals in het naburige Ginneken; het leeft
overigens van nijverheid van tapijten, meubels, chocolade; stoom-
werktuigen, enz De stad breidt zich uit op de plaats der oude vesting-
werken. Iu den omtrek teelt men veel aardbeien en frambozen en
worden „Bredasche kapuinen'' gemest. Breda is bijna aaneenge-
bouwd met (ji i n n e k e n , eigenlijk eene voorstad , met buiten-
plaatsen. Aan den weg naar Antwerpen : P r i n s e n h a g e of
„het Haagje", fniai dorp , met buitenplaatsen en veel hout- en
on frambozenteelt en Zundert, groot landbouwdorp Ouden-
boseh dankt zijne suikerfabrieken aan de klei en zijne boom-
kweekerijen aan het zand.
Het zuiden van Limburg (zie Limburg, bld 17).
Dit is een heuvelland , waarvan het gedeelte t. N. van Valken-
burg en Heerlen 50 ä 100 M., doch dat overigens grootendeels
100 ä 200 ^I. boven de zee ligt, terwijl de Z. O. hoek zieh tot
200 ä .'HO M. daarboven verheft, liet hoogste punt des lands ligt
lij I aals , i'uim 321) M. hoog.
In dit heuvellanJ hebben eenige snelvlietende stroompjes
hunne dalen nitgescliuurd: de Ge leen, die boven Heerlen ont-
lïeekmax, Nederland III. 8