Boekgegevens
Titel: Aardrijkskunde van Nederland
Deel: 3e leerboekje Aardrijkskunde van Nederland voor H.B.S., Gymnasia, enz
Auteur: Beekman, A.A.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1891
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1253
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205686
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijkskunde van Nederland
Vorige scan Volgende scanScanned page
121)
De Oude IJ s e 1 wordt tegenwoordig ten belioeve van de
afwatering en de scheepvaart gekanaliseerd , door sluizen in stuk-
ken verdeeld en van den IJsel bij Doesburg afgesloten. Hij neemt
boven Ulft de A op en bij Doetincheni de S 1 i n g c of 81 i n-
g e r b e e k.
Langs al deze riviertjes en langs nog vele kleinere ligt beek-
klei I afkomstig van de leemlagen in den {)ndergrond, hetgeen
van groot belang is voor den landbouw in deze streken. Lnngs
den Ouden IJsel ligt veel rivier klei, daar Inngs het dal van
deze rivieren bij zeer hooge standen water van den Rijn wordt
afgevoerd (zie Hoofdstuk VII).
Hoewel vele dezer riviertjes 's zomers soms geheel opdrogen,
zoo hebben zij na sterke regens dikwijls zeer veel water, doch
daar zij gedurende eeuwen door watermolens, enz. zeer bedorven
zijn en sterk kronkelen , zijn zij voor dien grooten afvoer minder
geschikt en treden vaak buiten hunne oevers. Vooral als dit's zomers
in den hooitijd geschiedt, wordt daardoor groote schade berokkent.
In natte tijden staan soms groote opjjervlakten onder water o.a.
om Aimelco: de daardoor ontstane drassige gronden heeten m
Overijsel broeken en v 1 i e r e n. Die overstroomingen hebben
echter de hier zoo noodige beekklei aangebracht.
Zand- en IJz&roer. Het ijzer dat onze diluviale grou'
bevatten , wordt dicht onder de oppervlakte door rotting der • i^ri
tenwortels in een ijzerzout gebonden , hetwelk in water opl plAÜ-
is. Door den regen wordt het dieper iu den bodem gebi jstor
wordt dan omgezet in eene ijzerverbiuding, die de zand-
korreltjes omgeeft en aldus oerbanken vormt. V on Jèeui-
banken zijn een plaag voor landbouw cn houtcultuur. ^^^
Het Avater dat naar de riviertjes wegzakt voert
bedoelde ijzerzout opgelost mede en brengt het
gronden langs hunne oevers; daar vormt het een '
1 111 i-i 1 1 ' 1 ' r ojider'
de graszode ook dergeliike banken, 1 a o cLM j..
, X TT . 1 ; , T^ u ze roer
geheeten. Het wordt veel gedolven en naar D vervoerd
waar men het aan de andere ijzersoorteT-. ^ veel moeilijker
smeltbaar zijn , in de hoogovens toevoegt. fx.(i ^ïtir heeft de ijzer-
gieterijen langs den Ouden IJsel eu te De^retórjeir ontstaan die
tegenwoordig echter bijna alleen En^^eteJ, eia Bfïttsch ruw ker"
verwerken.
Van hoogveen xja.lt mol slochts t. va„ A/mcIoo eene'