Boekgegevens
Titel: Aardrijkskunde van Nederland
Deel: 3e leerboekje Aardrijkskunde van Nederland voor H.B.S., Gymnasia, enz
Auteur: Beekman, A.A.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1891
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1253
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205686
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Aardrijkskunde van Nederland
Vorige scan Volgende scanScanned page
121)
Langs deze kanalen wordt tevens de groote massa water afge-
voerd, die vóór de ontginning door liet hoogveen werd vastgehouden,
maar bij het vergraven vi'ij komt. Ook wateren de in cultuur ge-
brachte gronden op de panden van het hoofdkanaal en hunne zij-
kanalen als boezems af. De oudste en laagste dalgronden, nl. die
in Groningen , liggen grootendeels in polders.
liet hoogveen van Bellingwolde en Boertange, zich over de gren-
zen in Duitschland uitstrekkend , is in ons land nog niet aan de
snede gebracht.
Het groote hoogveeu t. O. van de Hunze, dat zich in Groningen
en oostelijk Drente en over de Duitsche grenzen tot bij de Eems
en de Vecht uitstrekt, werd het eerst aangesproken (1599) langs de
P e k e 1 a , die vergraven werd en verlengd met het P e k e 1 e r-
Hoofddiep, thans in het Stadskanaal uitkomend; hieraan ont-
stonden de koloniën Oude- en N i e u w e-P e k e 1 a.
Wat later begon men van uit de Hunze t. O. van de stad Gro-
ningen het tegenwoordige W i n s c h o t e r d i e p te graven, waar-
aan de veenkoloniën Hoogezand en S a p p e m e e r ontston-
den. T. Z. daarvan werden door verscheidene „compagnieën"
zijkanalen aangelegd, waarlangs koloniën van denzelfden naam
verrezen. — Later is het Winschoterdiep doorgetrokken van Zuid-
broek tot Winschoterzijl, waar het door eene sluis van de Pekela
is gescheiden.
Van Zuidbroek werd in 't midden der 17e eeuw een kanaal
zuidwaarts gegraven langs Muntendam tot aan de Drentsche gi-ens
bij Bareveld , waaraan de bloeiende koloniën V e e n d a m en
W i 1 d e r V a n k opkwamen.
Op het laatst der vorige eeuw werd van Bareveld Z. O. waarts
langs de Drentsche grens het Stadskanaal aangelegd ter ont-
ginning der aangrenzende venen in Westerwolde en Drente en tot
op onzen tijd telkens met een pand verlengd. Hierlangs strekken
zich de veenkoloniën S t a d s k a n a a 1 en Ni e u w-S t a d s k a-
n a a 1 uit. Het Stadskanaal is nu bij Bareveld verbonden met
het Annerveensch Ka naai -Kleister diep, waarlangs
tegenwoordig de groote turfafvoer met oostelijk Drente naar Gro-
ningen plaats heeft.
In Drente heeft men in dit veen een aantal zijkanalen gegraven,
ongeveer rechthoekig op het Stadskanaal uitkomend en veelal
monden geheeten (zie Drente, nr-d 16). Ook hierlangs kwamen