Boekgegevens
Titel: Veelkleurige bloemen: leesboek voor de middelklassen der lagere school
Deel: No. 1
Auteur: Bosman, J.M.H.
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1916
23e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2037
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205650
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Veelkleurige bloemen: leesboek voor de middelklassen der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
55
31. De kortste weg is niet alt^d de beste.
Bij iaet krieken van den dag geleidde een herder zijn
kudde naar een wei, die aan den overkant lag van een
kleine beek.
In den jongsten nacht had het sterk geregend; de kleine
beek was tot een breeden stroom gezwollen, die het water
ver op de oevers gedreven en het vonder weggespoeld had.
Hoe zou de kudde in de wei komen? Een half uur verder
was een brug over de beek, dit wist de herder. Maar dan
moesten de schapen voor niets zoo ver loopen en weer net
zoo ver terug; dat kon toch niet, meende hij. »Kom",
sprak hij bij zich zelf, »de plas is wel breed, maar toch
heel ondiep; kijk, overal is de bodem te zien. En over de
smalle beek kunnen ze best heenwippen."
Hij ging dus zelf vooruit, gevolgd door zijn hond. Het
was waar, de plas was heel ondiep en de beek zoo smal,
dat hij en de hond er zonder moeite oversprongen. De
schapen volgden alle, de groote en sterke voorop, toen de
lammeren en eindelijk de zwakke en kreupele. Toch schenen
zij in dat plassen niet half zooveel pleizier te hebben als
Wakker, die gedurig terug moest komen, om hen aan te
drijven. Eindelijk waren ze aan de beek en stonden stil.
Ze zagen wel, dat hier gesprongen moest worden. De herder
sprong een paar keer heen en weer, de hond deed even-
eens en de schapen waagden het eindelijk ook. Een groot
gedeelte kwam behouden aan den anderen oever, maar de
overige brachten het niet zoo ver en stortten in de beek,
waar zij snel met den stroom afdreven.
Zoodra de herder dit zag, schoot hij ijlings toe om te
helpen en te redden. Maar hoe vlug hij zich ook repte,
er verdronken toch drie en twintig van zijn schapen en
lammeren: hij was er een arm man door geworden.