Boekgegevens
Titel: Handleiding bij het onderwijs in het hoofdrekenen in de lagere school
Auteur: Bok, J.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1893
Zaandijk: J. Heijnis Tsz
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1825
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205649
Onderwerp: Wiskunde: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van de wiskunde
Trefwoord: Hoofdrekenen, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij het onderwijs in het hoofdrekenen in de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
91
ir. 09 X 71 c. = 7 X 7 gulden — 1 ets.
Voorbereiding; Berekent op verschillende manieren 69
X 71 cents.
Ond: Wij zullen een zeer gemakkelijke manier zoeken.
Een fabrikant heeft 69 stukken linnen van 71 M. Wat
heeft hij, als hij van elk stuk 1 M. afknipt? Leerl: 69
stukken van 70 M. en 69 lapjes van 1 M. Ond: Heeft
hij nu meer of minder? Leerl: Evenveel.
O: Als hij nu eens voor die 69 lapjes van 1 M. ééne
lap van 69 M. legt, heeft hij dan meer of minder? Wat
heeft hij dan? Leerl: Evenveel; 69 stukken van 70 M. en
1 stuk van 69 M. Heeft liij nu wel 70 stukken van 70
M.? Neen, slechts één' M. minder. Wat is nu meer, 70
stukken linnen van 70 M. of 69 stukken van 71 M. ?
70 st. van 70 M. zijn 1 M. meer dan 69 st. van 71 M.
Wat kunt ge gemakkelijker uitrekenen 70 X 70 M. —
1 M. of 69 X 71 M.? Hoeveel is 70 X 70 M. — 1
M.? 7 X 7 HM. — 1 M. = 4899 M. Hoeveel is 69 X 71 M.?
Evenveel. Hebben we dit ook op de eerste wijzen gevonden?
Becijfert het eens! Klopte dit goed met de vorige uitkomst ?
Nu maakt één geval nog geen' regel. Het is daarom al
weer zaak vele gevallen te behandelen, daarna de bewerkin-
gen geordend onder elkander te plaatsen, om zoodoende
gemakkelijk den regel te doen opsporen. Deze regel bepale
zich eerst alleen tot die vermenigvuldigingen, waarbij het
„middengetal" één meer en één minder is dan de twee
factoren, hier voor 't gemak 1 meer en minder dan een
10-voud.
We gaan dus als volgt voort:
Een der leerlingen doet de verklaring nog eens met de-
zelfde bewerking over. Daarna een ander met 69 X 71