Boekgegevens
Titel: Handleiding bij het onderwijs in het hoofdrekenen in de lagere school
Auteur: Bok, J.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1893
Zaandijk: J. Heijnis Tsz
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1825
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205649
Onderwerp: Wiskunde: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van de wiskunde
Trefwoord: Hoofdrekenen, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij het onderwijs in het hoofdrekenen in de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
69
DE GETALLEN VAN 1 TOT 1000.
We verwijzen voor de aanseiiouwingen, de voorstellingen
en de benoeming dezer hoeveelheden op de behandeling
van 1 — 50. (hoofdstuk IV.)
De aanschouwingsmiddelen zijn behalve de genoemde,
welke l(t0 als eene collectieve eenheid voorstellen, nog die,
welke dat met 1000 doen. We hebben deze echter eerst
dan noodig, als reeds vrij wat met de getallen onder dui-
zend gewerkt is. Zij zijn een bos van duizend (tien samen-
gebonden honderdtallen) stokjes (slechts een paar malen te
toonen eerst door samenvoeging der honderdtallen, dan door
ontbinding;) eene rij van 10 d.M.verdeeld in cM.^; een
kubieke dM. (waarnaast een, waaruit ten duidelijkste blijkt,
dat er 1000 c.M.^ in zitten); een goudentientje (een munt-
biljet van tien gulden is niet zoo goed); een L. als 1000
c.M.3; een DL. als 1000 c.L.; een H.L. als 1000 d.L;
een D.M. als 1000 c.M., een H.M. als 1000 d.M.; een
K.M. als 1000 M.; een K.G. als 1000 G. (De meeste door
Critas behandeld, of in den „Rekencursus" of in „'t Metriek
stelsel," waarnaar we zoo vrij zijn te verwijzen )
Ook geteekende kruisjes, streepjes enz. kumien bij juiste
groepeering en afbakening der honderden zeer goed voor
ons doel dienen. Men legge en teekene steeds vijfhonder-
den afzonderlijk ! Bij juiste groepeering en duidelijke aan-
schouwing en voorstelling wordt de wel eens voorkomende
verwarring tusschen 705, 507, 750, 570, 75 en 57 voorkomen.