Boekgegevens
Titel: Handleiding bij het onderwijs in het hoofdrekenen in de lagere school
Auteur: Bok, J.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1893
Zaandijk: J. Heijnis Tsz
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1825
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205649
Onderwerp: Wiskunde: onderwijs, beroepsuitoefening en organisaties van de wiskunde
Trefwoord: Hoofdrekenen, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij het onderwijs in het hoofdrekenen in de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
31
(AFTREKKINGEN 20—50).
fl. 30 — 10; 40 — 30; 50 — 20.
h. 37 — 7; 46 — ß; 24 — 4; 37 — 5.
c, 20 + 30 — 10; 14 + 30 — 4; 24 — 2 + 10.
d. 47 — 20; 36 — 10; 28 — 20.
g. 48 - 4 - 20; 36 — 10 — 5; 27 — 20 — 1.
/. 4S — 24; 36 — 15; 27 — 21 (zie e). Ook
46—16;
ff. 30 - 1; 20 — 4; 50 — 7.
Hierin vooral moet veel vaardigheid verkregen worden
en omdat dit geval een moeilijkheid boven de vorige heeft,
moet er veel aanschouwd en voorgesteld worden. Eene uit-
muntende oefening is het, wanneer dergelijke aftrekkingen
voorgesteld moeten worden, vooraf te zeggen, dat er op
een' tafel 50 (40, 30, 20) centen liggen. De onderwijzer
noemt nu telkens de hoeveelheid, die er afgenomen wordt,
en liet kind antwoordt kort door b.v. alleen het getnl te
zeggen van de hoeveelheid, die overblijft. De afspraak is
dan, dat er telkens weer 50 eenten liggen. Zoo kunnen
vele aftrekkingen in zeer korten tijd uit het hoofd behan-
deld worden. Natuurlijk worden in gedachten de wegge-
nomen centen telkens weer neergelegd. Maar dit is niet
alleen bij deze, maar bij alle aftrekkingen vereischte, om
goed het wezen van de aftrekking te leeren.
Deze snelle behandeling van overeenkomende gevallen
heeft zoo nu en dan haar nut, niet alleen bij aftrekkingen.