Boekgegevens
Titel: De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Auteur: Groenewegen, Johannes; Groenewegen, Jacob
Uitgave: Amsterdam: Van der Linden, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2963
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205513
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: liturgie
Trefwoord: Geestelijke liederen, Liederen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Vorige scan Volgende scanScanned page
ISRAELS ■ 71
Het gedenken aan de dagen van oud«.
Stem: Psalm 9.
1. 30ste Litd
Helaas' hoe is dit aangezigt,
Mijns Konings vol van zalig licht,
'En al mijn troost van mij geweken;
Mijn oogen vlieten waterbeken.
2. Mijn Zielevriend is weggegaan,
't Is met mijn licht en troost gedaan,
'k Had niet verwacht voor weinig dagen.
Zoo groot verdriet en bitter klagen.
3. Wat plagt mijn ziele regt'verheugd
Te zwemmen in des hemels vreugd.
Ik voelde Jezus in mij leven.
En kon dijn hart aan Jezus geven.
4. 't Gebed Gods huis en 's Heeren volk.
Ik zag er God al zonder wolk.
Mijn hart dat was gestaag verbroken.
En in de liefde Gods ontstoken.
5. Wat waren mij de tranen zoet,
Die uit gevoel van 't hoogste goed,
Gedurig rolden naar beneden,
Wat was mijn ziel toen vol van vreden.
6. 't Verwonderen over Gods gena.
En had geen einde vroeg en spa.
Hoe kon ik toen mij zelf verbinden,
Op nieuw aan Jezus Beminden.
7. Ik voelde toen geen zondenkracht,
Geen wereld satan, noch liaar magt,
Ik kon mijn hart aan Jezus geven;
Mijn licht mijn al mijn ziele leven.
8. \\at was ik somtijds overstelpt.
Ik riep: o Hemellingen?-helpt.
Laat God en 't Lam toch zijn geprezen,
Voor 't goede aan mijn ziel bewezen.
G