Boekgegevens
Titel: De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Auteur: Groenewegen, Johannes; Groenewegen, Jacob
Uitgave: Amsterdam: Van der Linden, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2963
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205513
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: liturgie
Trefwoord: Geestelijke liederen, Liederen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Vorige scan Volgende scanScanned page
50 DE LOFZANGElf
Opgeslagen Hebt naar 't vrije welbehagen.
6 Ach mogt ili. nooit aan anders geen
Mijn harte geven als alleen,
Aan U o Heer der Heeren!
Ach mogt ik zeggen heen en uit
Tot al wat uwe werking stuit:'
En uw gemeen verkeeren.
Wilt Gij van mij. Nooit onttrekken U ontdekkea
En mij geven. Blijdschap vrede lichten leven.
7. ik geet mij tot een heiligdom.
Geheel aan U o Jezus kom.
En heiligt mij van binnen.
Werkt in mij aller zonden haat.
Roei uit den wortel en het kwaad,
Van mijn verdorven zinnen,
Laatik met schrik. Aan denzonde die mij wonde
Steeds gedenken.
Wilt mij geest en leven schenken.
8. Om regt verhemeld met mijn oog,
Eu met mijn harte naar omhoog,
Als tempels uit te steken,
, En doet mij leven boven 't stof.
Tot uwer heerlijkheid en lof
Die nooit is uit te spreken,
Opdat mijn schat, In den hemel in't gewemel
Hier beneden. Zij mijn zaligheid en vrede.
vNSTC^ ^ /N A
Jezus algenoegzaamheid en trouwe ter uit-
lokking voor heilzoekende en verlegene.
Zondaren, om zich geheel aan Jezus
over te geven.
Ste.m: Wanneer de zon in 't morgerood.
1. 2oste Lied,
Oneindige Oppermajesteit!
En God van zaligheden