Boekgegevens
Titel: De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Auteur: Groenewegen, Johannes; Groenewegen, Jacob
Uitgave: Amsterdam: Van der Linden, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2963
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205513
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: liturgie
Trefwoord: Geestelijke liederen, Liederen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Vorige scan Volgende scanScanned page
ISBAELS. 39
Hef' verkwikkelijk Eenzaam.
Stem: Mijn vader die mijn smarte ziet.
1. 18de Lied
O liefelijke eenzaamheid,
Daar ik mijn tijd, Geheel verslijt.
Met Jezus mijnen vriend,
Daar ik mijn gansche hart,' uaar ik enz.
Vrijwillig voor Hem openleg.
En al mijn zielesmart.
2. Dat eenzaam zijn is mij zoo goed
Daar mijn gemoed, Het hoogste goed
(ieniet de ware rust.
Dan is mijn hart en oog. Dan is mijn enz.
Geheel van 't schepsel afgekeerd.
En vestigt zich omhoog.
3. Oan klim ik op tot de eeuwigheid
Oneindig wijd. Daar ik den tijd,
Bijna geheel vergeet:
Daar zijgt mijn ziele neer, Oaar zijgt enz.
Onmagtig in verwondering
En zegt vrijmoedig Heer!
4. Ben ik van ü in liefd' gekend
En ingeprent, In 't testament,
Van uwen vrijen raad.
Een uitverkoren vat. Een uitverkoren vat,
Te wezen voor des werelds grond
Hier vind ik paal nog maat.
5. Hier denkt mijn geest hoe Godes Zoon
Zijn hemeltroon, Tot smaad en hoon:
Om mijnent wil verliet.
Zijn ziele in den dood^ Zijn ziele in den dood
Gewillig voor mij overgaf,
Voor mij zoo boos en snood.
6. Hoe lieft mijn ziel dan Godes Lam,
Die nederkwam, En op zich nam,
4