Boekgegevens
Titel: De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Auteur: Groenewegen, Johannes; Groenewegen, Jacob
Uitgave: Amsterdam: Van der Linden, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2963
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205513
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: liturgie
Trefwoord: Geestelijke liederen, Liederen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Vorige scan Volgende scanScanned page
AANHANGSEL. 121
'k Zie dat mijn ellenden groeijen,
'k Ga verloren dat is gewis.
5. Want ik lig in zonden dood,
En van alle heil ontbloot.
Doof zoo dat ik niet kan hooren,
Xrm. ja blind ik kan niet zien,
'k Ga immers wis verloren, ,
Ik kan 't verderve niet ontvlien,
6. Zou er nog een middel zijn
»leere! openbaart het mijn:
Is er nog een weg te vinden *
Voor een neergebogen ziel.
Eer de satan mij v.erslinde
Kn ik eeuwig nederviel! ^
7. Wanhoopt niet gebogen hart!
Zit ge in satans net verward.-*
Daar is eenmiddel uigevonden,
Daar is eenen Middellaar
Voor een tot den dood verwonden
Kn een weg zeer wonderbaar,
8. Jezus jezus Godes zoon.
- Is gekomen van'zijn troon.
Om zijn Vader te verzoenen
Met zijn uitverkoren schaar;
Om*de banden jte verbreken;
Daar zij mee gebonden waar.
9. Hij heeft Godes regt voldaan.
En ten hemel ingegaan.
Ls ter regterhand gezeten
Van Gods hooge Majesteit.
Nimmer zal Hij haar vergeten
Want Hij bidt voor haar altijd.
10. Had Hij maar voldaan voor mij,
Dan kwam nog mijn ziele vrij.
Maar dat zal mij niet gebeuren,
9*