Boekgegevens
Titel: De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Auteur: Groenewegen, Johannes; Groenewegen, Jacob
Uitgave: Amsterdam: Van der Linden, 1879
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2963
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205513
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: liturgie
Trefwoord: Geestelijke liederen, Liederen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De lofzangen Israels, waaronder de Heere woont: zijnde eenige geestelijke liederen
Vorige scan Volgende scanScanned page
94 DE LOFZANGEN.
4. Geschonken worden met een palmtak in
de handen,
Van vrede en eeuw^ige rust terwijl zij nu be-
landen,
In 's hemels haven van een eeuwgen strijd
'' bevrijd,
r In ongestoorde rust in alle eeuwigheid.
5. O zalige triomf! in 's hemel, hooge zalen
Op Jezus troon, met Hem gerust te zegen-
pralen.
Ver boven het bereik van duivel dood en hel-
Of 's vijands laster leed of smart of ziels-
gekwel.
6. Niet in een hoog gebouw, dat zigtbaar
Is van verre,
Maar in dat hoog gewelf ver boven zon en
sterren.
Daar God een stad gebouwden vastgegron-
Det heeft.
En Zijnen troon gezet i^aar alles eeuwig leeft
7. Een stad van zuiver goud, van Schep-
pers eigen handen.
Onmiddellijk gemaakt, die nooit ook kan
verbranden.
Een regtehoofdstad van het gansche wereldrijk
Waarover God gebied in magt volstrektelijk
8. De regte hoofdstad daar de groote He-
melkoning,
Zijn hof houdt en zijn troon, eu ordinaire
woning.
Welzalig zijn ze diehaarerfregtop die stad
Bewijzen kunnen o! haar heil Is nooit bevat
9. Die wandelingen voor den troon van
's hemels Heere.
n alle eeuwigheid zou God nog grooter eere