Boekgegevens
Titel: De zangvogeltjes
Deel: 7e stukje Zes en twintig twee- en driestemmige liederen voor de jeugd / van Franz Abt ; vrij gevolgd naar het Hoogduitsch door J.P. Regeer
Auteur: Abt, Franz; Regeer, J.P.
Uitgave: Rotterdam: Wenk & Birkhoff, 1899
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1147
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205508
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De zangvogeltjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
19
—0-
i
z^i
-0-
1. zul - len
2. maat bij
3. reikt aan
4. keer-den
5. Voor al - Ie din - gen,

-0-
/
we sma - ken
het sprin - gen
haar naas - te,
zoo sier - lijk


-fk-1
T9Z
In on - ze zaal, vol
Van nacht toch niet ont-
Be - gon de dans zoo
De maan be - scheen haar
Wij dan - sen nu niet


1.
2.
3.
4
5.
-r---5—
pracht." Het
beert" De
blij. Elk
pracht. De
meer! Ach,
jtzzfz
/ /
beek - je
maan toen
voog - lijn
bloe - men
de ee - ne
sprak:
sprak :
zong,
al -
riep

,,Ja,
,Dat
en
len,
aan

-A--
schreê
staat
dat
groot
de an
voor
ra ij
niet
en
dre
i
1.
2.
3.
4.
5.
-- >
0-

schreê. Dan
aan! 'k Wil
kwaad; Elk
kleen, Nu
toe: „Mij
-r-

dans en spring ik ook nog meê.
heel hoog aan den he - mei staan,
bloem-lijn sprong, juist in de maat.
op dan neer, ze zweefden heen:
pijnt elk lid! ik ben zoo moe!
Ik
'kZal
Het
Geen
Maar
m
1.
2.
3.
4.
5.
-N—
I I
/
wil
al
beek
die
kla


3E
I I /
/ / ^
de bloem-kens
mijn lich - ten
- je hup - te
haar krach - ten
- gen kan ons
—I-
'É-
J-
—K
r r - r I ^
ver - ras - sen. Als zij hun
ont - ste - ken,'t Moet aan geen
te - vre - den: De maan keek
wat spaar-de: Zij zon - ken
niet ba - ten - Wij moe - ten
voet - jes was-schen."^
pret ont-bre - ken."
naar be - ne - den.
mat ter aar - de.
't dan-sen la - ten.
La la la la la la
la