Boekgegevens
Titel: Oefeningen en opgaven bij Critas' Handleiding voor het metriekstelsel ten dienste der vier hoogste leerjaren der lagere school
Auteur: Hollander, L.A. den; Critas
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 03-107
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205505
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Metriek stelsel, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen en opgaven bij Critas' Handleiding voor het metriekstelsel ten dienste der vier hoogste leerjaren der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
69
§
Herhaling en uitbreiding.
(Ophoogen met aarde, bekleeden, indompelen.)
Bereken:
1. Uit een bak, lang 2^/3 M, breed 2^/7 M. en diep
6 d.M., neemt men 30 11.L. water. Als het nu
nog 1 d.M. hoog staat, tot hoever was dan de bak
gevuld'?
a. Hoe dik is de waterlaag van 30 H.L.?
b. Hoeveel is dus het water gedaald?
Hoe hoog stond het?
2. Een bak, lang 25 d.M., bi-eed 0,45 M. en diep 8 d.M.,
bevat 7,5 H.L. graan. Welk deel is niet gevuld?
a. Hoe hoog ligt het graan?
h. Hoe hoog is de kist?
3. Een bak is vol water. Men dompelt er een steen in,
die 21/2 d.M. lang, d.M. breed en 4/5 d.M. dik is.
Hoeveel L. water loopt er uit?
4. In een bak, lang 1 M., breed 1/2 en 5 d.M.
diep, staat 2. H.L. water. Er wordt een kubus van
ijzer in neergelaten, die 4 d.M. hoog is.
Hoeveel water zal er uitvloeien?
a. Hoeveel water kan er in den bak?
b. Hoeveel is er in en wat kan er nog bij ?
c. Hoeveel ruimte neemt dé steen in?
d. Hoeveel ruimte is er nog te weinig?
5. Een bak, lang 8 d.M., breed 6 d.M. en diep SVo d.M.,
is half vol water. Hoeveel zal het water rijzen, als er
een baksteen ingeworpen wordt, die 0.24 M. lang, 1,2
d.M. breed en 1/2 d.M. dik is? De baksteen heeft een
inhoud van .... Het is dus, alsof er .... d.M.3 water