Boekgegevens
Titel: Oefeningen en opgaven bij Critas' Handleiding voor het metriekstelsel ten dienste der vier hoogste leerjaren der lagere school
Auteur: Hollander, L.A. den; Critas
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 03-107
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205505
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Metriek stelsel, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen en opgaven bij Critas' Handleiding voor het metriekstelsel ten dienste der vier hoogste leerjaren der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
40
12. In hoeveel tuintjes, groot 4 D.M.2, kan men een
K.^I.2 verfleelen?
13. Vul in:
1 c.M.2 is één
1 strookje is 10 c.^l.2.
Ga zoo door tot 1 K.^l.2.
14. Een d.A. is een .... lang; breed ...., en een
D.A. is juist een____lang, en breed----
15. Langs de 4 zijden van een K.M.2 zet men telegraaf-
palen 40 M. uiteen. Hoeveel zet men er ?
lü. Een gemeente beslaat juist een rechthoek. Gij loopt
over de kortste zijde een half uur, over de langste
l'^U imr. Hoeveel bunder beslaat die gemeente?
17. De lengte van een rechthoek is 135 M. en het
oppervlak 405 M.2 Bereken de breedte.
18. Een akker is rechthoekig en groot 4 bunder. De
breedte is 2 H.^1. Hoe groot is de lengte?
19. Een gemeente vormt een rechthoek, groot 300
bunder. Over de langste zij loopt gij 1/2 uur. Hoe-
veel ^l. is de breedte?
§ 34.
Oppervlak van den rechthoek, waarvan de afmetingen
(één of beide) breuken zijn (76 en 77.)
Vooroefeningen. Begrip gewone breuk.
1. Ik leg een rechthoek met 8 strooken en verdeel
de hoogte in 2 gelijke deelen. Uit hoeveel strooken be-
staat elk deel?
2. Ik leg een vierkant met 10 strooken en verdeel
de hoogte in 5 gelijke deelen. Hoeveel strooken bevat
elk deel?
3. Ik leg een rechthoek met 12 strooken en verdeel