Boekgegevens
Titel: Oefeningen en opgaven bij Critas' Handleiding voor het metriekstelsel ten dienste der vier hoogste leerjaren der lagere school
Auteur: Hollander, L.A. den; Critas
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 03-107
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205505
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Metriek stelsel, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen en opgaven bij Critas' Handleiding voor het metriekstelsel ten dienste der vier hoogste leerjaren der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
29
2. Een rechthoekige strook tuingrond is 294 ]\I.® groot.
De lengte is het zesvoud der breedte.
Doe als bij 1 de vragen a—d.
3. Een akker, groot 343 A., is 7 maal zoo lang als
breed. Men vraagt den omtrek van dien akker?
a. Een vierkant stuk is groot ....
b. De lengte is dus ....
c. De breedte is dus____
d. De omtrek is________'
4. Hoeveel M. tapijtgoed heeft men noodig om een
vloer te beleggen 3 maal zoo lang als breed, met
een oppervlakte van 75 M.^, als het tapijtgoed 1 M.
breed is. Hoeveel banen zijn er noodig?
Teeken den vloer.
§ 2G.
Yoorbereideude oefeuingeu
voor hel vinden van den inhoud van zuilen (90—100).
Op de lei.
1. Hoe lang is een balk van 10 kuben?
2. Hoe lang is een balk van 12 kuben?
3. Welke lagen kan men nu al met IG blokjes leggen?
4. Hoeveel c.M.3 verschillen 2 vierk. lagen van 25 en
16 c.M.3?.
5. Hoe legt ge een laag, die uit 3 balkjes van 10
c.M.3 bestaat?
Ik leg eerst____ en zóó____
6. Als ge een staanden balk van 5 blokjes legt en
daarboven een liggenden van 7 blokjes, hoe groot
is dan dat lichaam?
7. Hoe lang is een balk, die 12 c.M.3 groot is?
8. Hoe kan men de lengte van een balk van 20 c.M.^
4 c.M. kleiner maken?