Boekgegevens
Titel: Oefeningen en opgaven bij Critas' Handleiding voor het metriekstelsel ten dienste der vier hoogste leerjaren der lagere school
Auteur: Hollander, L.A. den; Critas
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1895
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 03-107
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205505
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Metriek stelsel, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen en opgaven bij Critas' Handleiding voor het metriekstelsel ten dienste der vier hoogste leerjaren der lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
§ 10.
Begrip „Schaal" (28—30.)
1. Als wij '1 (LM. voor eiken M. nemen is de teeke-
ning- geniuakt op een scliaal van 1 : 10.
2. Als wij 1 mM. nemen voor 1 M. is de schaal
van ....
3.
van
5.
van ....
ü. Als wij
schaal van ..
Als wij 1 M. voor 1 H.M. nemen is de schaal van . ï..
Als wij 1 c.M. voor eiken M. nemen is de schaal
Als wij 1 c.M. voor elke 8 d.M nemen is de schaal
1 c.M. voor elke 125 c.M. nemen is de
11.
1. De zijkant van den vloer teekenen wij op een schaal
van 1 : 100. Hij is nu 7 c.M. lang. Hoe lang is die kant?
2. Een toren, op een schaal van 1 : 1000 geteekend,
is 30 m.M, hoog. Hoe hoog is die toren?
3. Een spoorwegrail, op een schaal van 1 : 10 ge-
teekend, is 2.8 d.M. lang. Hoe lang is die rail?
4. Een kant van een hoekhuis, op een schaal van
1 : 50 geteekend, wordt 2 d.^M. lang. Hoe hoog is dat
gebouw ?
5. Een d.M. stelt 1 H.M. voor. Hoe is de schaal?
Ü. Een m.M. stelt 1 M. voor. Hoe is de schaal?
7. Een c.M. stelt 4 M. voor. Hoe nu?
8. Wat kan een c.M. al zoo voorstellen? Hoe is tel-
kens de schaal?
9. Waarvan kan een d.M. de teekening zijn? Noem
telkens de schaal.
10. Op welke schaal kunt gij een toren van 40
op uw lei teekenen?