Boekgegevens
Titel: Opgaven behoorende bij het metriekstelsel
Deel: Eerste stukje
Auteur: Critas
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1901
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1405 : 3e dr. (dl. I)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205490
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opgaven behoorende bij het metriekstelsel
Vorige scan Volgende scanScanned page
6
3. Past op een lijn 1 d.M. en nog een halven cl.M. af.
Daaronder moet gij op een tweede lijn d5 c.M. afmeten.
Hoeveel bedraagt het verschil in lengte?
4. Teekent een lijn van 20 c.M. Hoe lang is die lijn?
(Op 3 wijzen zeggen).
5. Teekent 3 horizontale lijnen ; maakt de eerste lijn,
door te schatten, 5 c.M.; de tweede 8 c.M. en de derde
1 d.M.
6. Schat eens de breedte van de lijst uwer lei en meet na.
7. Schat de breedte van een bladzijde uit uw reken-
boek en meet na.
8. Hoe groot is de staande kant van een bladzijde
van uw leesboek? (Door schatten.)
9. Hoe lang schat gij de binnenkanten van de lijst
uwer lei?
Vierkant en rechthoek.
(Hand), bl. 17—24.)
1.
1. Teekent een vierkant, waarvan de lengte 1 c.M.
en de breedte ook 1 c.M. is.
2. Teekent een vierkant, waarvan de afmetingen
1 c.M. zijn.
3. Teekent een vierkant met afmetingen van 1 d.M.
4. Teekent een rechthoek, waarvan de lengte 4 c.M.
en de bi-eedte 1 c.M. is.
5. Teekent een rechthoek, waarvan de lengte l d.M.
en de breedte 1 c.M. is. (Gij moet aan de lijnen eerst
door te schatten, haar lengte geven; dan nameten).
6. Teekent een rechthoek, met een lengte van 4 d.M.
en een even groote breedte. (Schat eerst de lengten).