Boekgegevens
Titel: Opgaven behoorende bij het metriekstelsel
Deel: Eerste stukje
Auteur: Critas
Uitgave: Tiel: D. Mijs, 1901
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1405 : 3e dr. (dl. I)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205490
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Opgaven behoorende bij het metriekstelsel
Vorige scan Volgende scanScanned page
en korte; zet aan de uiteinden een kort schrapje, meet
de lijnen en zet er naast, hoe lang ze zijn.
6. Teekent 5 staande lijnen van verschillende lengte.
Schat die lengte en zet uw uitkomst er naast.
Meet nu de lijnen na en zet de ware uitkomst er
weer naast.
7. Maakt nu eens lijnen, G c.M., 8 c.M., 3 c.M.;
5 C.M., 2 c.M., lÜ c.M., lang, door te schatten.
De Schaal. (Handi. bl. 28-30.)
1.
1. De bovenrand van het schoolbord is 1 M. lang.
Teekent dien rand, maar neemt voor een d.M. 1 c.M.
Teekent er den c.M. onder — en schrijft daarnaast het
woord decimeter.
2. De voorbenedenrand van het schoollokaal is 4 M.
Teekent deze lijn, maar neemt voor eiken meter 1 c.^f.
Zet den c.M. er onder en het woord 7neter er naast.
3. De staande kant van onze deur is 25 d.M. hoog.
Teekent dien kant en neemt voor eiken decimeter 1 c.M.
(den c.M. er onder en het woord d.M. er naast.)
4. De liggende kant is 1 M. Teekent ook die lijn en
neemt voor een decimeter 1 c.M. (den c.M. er onder;
het woord decimeter er naast.)
5. Een dakgoot is 7 M. lang. Teekent den rand daarvan,
maar neemt voor eiken Meter 1 c.M. (den c.M. er onder;
het woord meter er naast.)
6. Een staande kant van een hoekhuis is 6 Metei'.
Teekent dien kant en neemt voor i M. den c.M. (den
c.M. er onder en het woord meter er naast.)
7. De benedenrand van een groot gebouw is 14 M. lang.
Teekent deze lijn en neemt voor eiken meter 1 c.M. (den