Boekgegevens
Titel: Oplossingen der Verzameling van rekenkundige opgaven, ten dienste van gevorderde leerlingen en aankomende onderwijzers: in vier tweehonderdtallen
Auteur: Sluijters, Hendrik
Uitgave: Delft: J. de Rooy, 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 681 F 1
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205472
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oplossingen der Verzameling van rekenkundige opgaven, ten dienste van gevorderde leerlingen en aankomende onderwijzers: in vier tweehonderdtallen
Vorige scan Volgende scanScanned page
(58) TWEEDE HONDERDTAL.
eerst met 16, vervolgens met 12 en eindelijk dit laatste
product met 8 vermenigvuldigen, enz.
Omtrent de verkortingen bij de deeling, zie men
de oplossing der 64"° opgave van dit honderdtal.
Vraagstuk II. (Derde Druk.)
Van de partij flesschen is gebroken, want SO
: = 1 : ; — yf^ = zijn 6 flesschen , en
de partij bestond dus uit 100 flesschen, want : 1
6 : 100. Er waren dan 9 flesschen gebroken en 91
over gehouden , die men voor ^^ J = /'0,S494S = fO,ï>a
bijna moet verkoopen, om het verlies te vergoeden.
Vraagstuk III.
Één pond kost bij inkoop = /"OjTS, dus 60 pond
60x/0,7S =/'4S , zijnde de geheele winst. Bij verkoop
geldt 1 pond = ƒ 0,90 ; dus wint men op 1 pond
/0,90 — = /'O,IS. Als nu /0,13 de winst is van
1 pond, dan moet /'43 de winst zijn van 300 pond,
want /O,IS : /•4S = 1 : 800.
Vraagstuk IV.
De eerste fontein vult ieder uur -j-^ = | der kom,
en de tweede in dien tijd = derzelve; gelijk
loopende zullen zij dus | + | der kom vol maken :
hoe veel tijd is er noodig, om de geheele kom te vul-
len? Om dit op te lossen, heeft men deze evenre-
digheid f : 1 = 1 : ar, waaruit a; =: 11 uur, welke tijd
er noodig is, om de kom te vullen, wanneer beide
fonteinen te gelijk loopen.
Vraagstuk V.
Bij inkoop betaalt men x 10 = /■90 voor 10
ellen, welke zoodanig moeten verkocht worden, dat
men 1 el wint; en dit heeft plaats, wanneer men 9
ellen zoo duur verkoopt als 10 ellen bij inkoop kosten.
10 guld. is dus de verkoop van 1 el.