Boekgegevens
Titel: Oplossingen der Verzameling van rekenkundige opgaven, ten dienste van gevorderde leerlingen en aankomende onderwijzers: in vier tweehonderdtallen
Auteur: Sluijters, Hendrik
Uitgave: Delft: J. de Rooy, 1842
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 681 F 1
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205472
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oplossingen der Verzameling van rekenkundige opgaven, ten dienste van gevorderde leerlingen en aankomende onderwijzers: in vier tweehonderdtallen
Vorige scan Volgende scanScanned page
(136) VIERDE llOINDERDTAL.
Om nu het kapitaal of den inkoOp te berekenen
heeft men :
: 20095»»! = 100 : ink. der tarwe,
/•102| : 139-iVA= • • »-ogfje.
Vraagstuk LVII.
De knechts van den timmerman verdienen 6 X IJ X
8x6x1 = /'■432 ; die van den metselaar met de
opperlieden (6 X 1| X 6 X 5 X 1) -f- (6 X 1X 6 X
6 X /■0,64) /•437,S8 ; die van den steenhouwer 6 X
11 X 4 X 3 X /■1,20 = /"lOS ; dus te zamen 432 +
.iS7,38 + 108 = /• 977,38. Do leverantien bedragen
/840,30 + /•1032,17 4- /■228,20 = /i2100,87 ; dit af-
getrokken van /"SSOO, blijft /'1249.13 voor de som,
welke verdeeld moet worden in reden der dagloonen ,
welke ieders werkvolk verdiend hee'ft. Men stelle dan,
om ieders aandeel te vinden, de volgende evenredig-
heden : 977,58 : 1249,13 = 432;': deel des tim-
mermans. 977,58 : 1249,13 = 4^,58 : ƒ 339,13, deel
desmet.selaars. dus 1249,13 — (352 +/^339,13) =: 138,
deel des steenhouwers. De timmerman ontvangt derhalve
van de geheele som 840,50 -f- 532 = /" 1392,50 ; de
metselaar 1032,17 + 539,13 = /■1391,30 , en de steen-
houwer 228,20 + 138 = /'368,20.
Vraagstuk LVIIl.
Het aantal der vijfguldenstukken , welke al de paar-
den, en dat van die welke al de koeijen te zamen
kosten zijn kwadraat getallen, welke zelve = 39,
en welker wortels 1 verschillen. Pfu is het verschil
tusschen twee kvvadraten, welke 1 verschillen, gelijk aan
tweemaal den wortel uit het kleinste + 1 ; dus is die wor-
tel hier = 19, en bijgevolg heeft men 19 koeijen
en 20 paarden gekocht.