Boekgegevens
Titel: Nieuw leer- en vertaalboekje, ten gebruike bij het aanvankelijk onderwijs der Fransche taal
Auteur: Schifflin, Ph.; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Dordrecht: H. Lagerweij, 1855
2e verm. dr.
Opmerking: 1e stukje
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 475 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205452
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw leer- en vertaalboekje, ten gebruike bij het aanvankelijk onderwijs der Fransche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 32 —
vervoeging van de hulpwerkwoorden
(verbes auxiliaires) Avoir, hebben en Eire, zijn.
Infinitif.
Présent,
Avoir, hebben.
Passé,
Avoir eu, gehad hebben.
Participe.
Préseîit,
Ayant, hebbende.
Passé,
Eu, ayant eu, gehad, gehad hebbende.
Indicatif,
Présent,
J'ai, ik heb.
tu as, gij hebt.
il, elle, on a hij, zij, men heeft,
nous avons, wij hebben.
TOUS avez, gij hebl,
ils, elles ont, zij hebben.
Imparfait.
J'avais, ik had.
tu avais, gij hadt.
il, elle, on avait, hij, zij, men had.
nous avions, wij hadden,
vous aviez, gij hadt.
ils, elles avaient, zij hadden.
Passé défini.
J'eus, ik had.
tu eus, gij hadt,
il, elle, on eut, hij, zij, men^had.
nous eûmes, wij hadden,
vous eûtes, gij hadt,
ils, elles eurent, zij hadden,
*) Dit werkw. wordt ook onpersoonlijk gebruikt ia den zin van
Être, en dan altijd verbonden met y; b. v.: H tj a, er is , er zijn;
il y avait y er was, er waren; il y aura, er zal, er zullen zijn, enz.
Ook in den volgenden zin wordt dit onpers. werkw. gebezigd: il xj a
un an, het is een jaar geleden; il y aura demain huit jours qu'il est
parti, het is morgen acht dagen, dat hij vertrokken is.