Boekgegevens
Titel: Nieuw leer- en vertaalboekje, ten gebruike bij het aanvankelijk onderwijs der Fransche taal
Auteur: Schifflin, Ph.; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Dordrecht: H. Lagerweij, 1855
2e verm. dr.
Opmerking: 1e stukje
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 475 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205452
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Nieuw leer- en vertaalboekje, ten gebruike bij het aanvankelijk onderwijs der Fransche taal
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 115 —
Wij hadden reeds het berigt ontvangen van de aankomst
onzes vriends, loen uw broeder, die aangename tijding
brengende, in de kamer trad. Het is waarschijnlijk, dat
hij reeds bevel gekregen had den tuin te koopen, toen uwe
broeders aankwamen. Hoeveel heeft hij voor dat huis be-
taald? Hij heeft voor dit huis zes duizend gulden betaald.
Die koopman verkoopt deze paarden voor vijf honderd frank
het stuk. Het is waar, dat wij meer dan eens geld schul-
dig zijn geweest aan onzen buurman; maar het is nietwaar,
dal wij hem nog geld schuldig zijn, want wij hebben alles
betaald. Gij hadt moelen welen, dat zijn vader te gierig
is, om zoo vele boeken te betalen. Wanneer wij onze blik-
ken (= de oogen) wierpen op de oevers dier groote rivier,
ontdekten wij prachtige sleden en schoone dorpen, Yoor
hoe veel hebt gij dit boek gekocht? Ik heb dit boek voor
vijftien frank gekocht.
L.
85. Répondre, antwoorden, beantwoorden; défendre, verde-
digen, verbieden; la rage, de woede; Ie brigand, de roo-
ver; rendre, wedergeven; — (met een bijvoeg, naamw. ver-
bonden) maken; — un service, eene dienst doen; préter,
leenen; fendre, klieven, spleten; répandre, vergieten, stor-
ten, verspreiden; un ennemi, een vijand; contre, tegen.
Nous vendons une maison qui est aussi grande que la
vôtre. Il vend un jardin qui n'est pas si beau que le mien.
Je vends un cheval qui n'est pas si grand que le lien.
Vous ne répondez pas aux espérances de vos parents. Ces
hommes ne répondent jamais à mes lettres. Tu réponds
plus souvent aux lettres de ton ami Louis qu'aux miennes.
Je défends à mon fils d'accepter la proposition. Le roi
défend ses sujets contre les ennemis. Les sujets défendent
leur roi. Nous <léfendons la patrie. Vous défendez votre
honneur. Tu défends ta vie. Nous répondons à la lettre
de notre père, laquelle est plus longue que celle de notre
mère, La mère défend son enfant contre la rage des
brigands. Pourquoi vends-tu ton cheval? Pourquoi ne