Boekgegevens
Titel: Michiel Adriaansz. de Ruiter: een leesboek voor scholen, in dertig lessen
Auteur: Altmann, H.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1842
2e dr; Oorspr. uitg.: 1839
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 314 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205372
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Europa
Trefwoord: Ruyter, Michiel Adriaensz de, 1600-1700, Admiraals, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Michiel Adriaansz. de Ruiter: een leesboek voor scholen, in dertig lessen
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 6 )
lijks was hij in dozen zijnen nicuAven, vurig door hem
begeerden, werkkring geplaatst, of hij was zoo vlijtig en
zoo gehoorzaam , als men kon verlangen,
Leering* Rijkdpm of eene aanzienlijke geboorte verhoogen de
waarde van den inenscli niet; deugd en godsvrucht
maken hem edel,
DERDE LES.
' • : P^ervolg, '
ReeJsx^a; zeer jeugdigen leeftijd gaf de ruitek niet
alleen b^Êeii van stoutmoedigheid, maar tevens van be-
leid en schranderheid, om zich uit moeijelijke cn gevaar-
lijke omstandigheden te redden. Toen hij naauwelijks
den ouderdom van tien jaren bereikt had, gaf hij hier-
van een treffend voorbeeld. Bij gelegenheid, dat er
aan de spits van den hoogen kerktoren der stad P^lis"
singeu iels werd hersteld, en men daarom ladders tegen
dezelve had geplaatst, was de ruiter' tot boven aan de
spits geklommen. Terwijl hij hier zat, nam het werk-
Tolk de ladders weg, waardoor het weder afdalen schijn-
baar onmogelijk werd. Angst en Trees bezielden al-
len , die hem zagen zitten , cn vooral, toen men zag ,
dat hij , hoewel de ladders waren weggenomen, begon
af te dalen ; men verwachtte nu niet anders , dan dat
li'y naar beneden zou storten; doch spoedig bleek het
beleid,'de schranderheid en de moed van den tienjari-
gen knaap, dewijl hij , in plaats van bevreesd om
huip te schreeuwen, met de hakken zijner schoenen
Toorziglig de leijen aan stukken schopte, waarmede de
spits' des torens gedekt was , hierdoor kreeg hij rast-
heid voor zijne voeten , en kwam , tot verbazing van
allen, die het van beneden aanzagen, onbezeerd tot op
den omgang des torens.
Deze daad van de ruiter was roekeloos , cn is ons
alleen geboekt, opdat wij daaruit zouden zien, dat hij
met eene onberadenheid, bij de jongd. niet vreemd, do
Toorzigtigheid en het beleid van eenen man paarde.
Wanneer hij naderhand niet zulk een groot man waro
geworden, zou het zoo even verhaalde zeker in do ver-
go-