Boekgegevens
Titel: Michiel Adriaansz. de Ruiter: een leesboek voor scholen, in dertig lessen
Auteur: Altmann, H.
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1842
2e dr; Oorspr. uitg.: 1839
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 314 : 2e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205372
Onderwerp: Geschiedenis: geschiedenis van Europa
Trefwoord: Ruyter, Michiel Adriaensz de, 1600-1700, Admiraals, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Michiel Adriaansz. de Ruiter: een leesboek voor scholen, in dertig lessen
Vorige scan Volgende scanScanned page
,( 23 )
hebbers , door hunne Iloogmogendcn hem Ier hulfw go-
zouden , zich zeer dapper hadden gedragen. De Denen
gayen den JVederlanders voornamelijk de eer der over-
winning , terwijl de Zweden zelven getuigden , dal het
vooral de Hollanders waren , die hun den gevoeligsten
slag hadden toegebragt. De buiter werd bovenal ge-
prezen , om zyn uitstekend beleid , zijne kunde en zij-
nen moed, in dezen strijd aan den dag gelegd. De aan-
zienlijkste mannen rekenden het zich eene eer, met hem
om te gaan. Meermalen was hij by den Koning aan
het hof, en de man , die in zijne kindschheid het ge-
ringste werk had gedaan , om eenige . weinige stuivers
's weeks te winnen, zat nu, meer dan eïens, met Prin-
sen en Rijksgroolan aAn de koninkiijke tafel , waar
hij met de meeste onderscheiding werd Jbehandeld cn
vorstelijk onthaald De Koning en de Koningin acht-
ten het niet beneden zich , om bij de buiter een
bezoek af Ie leggen , en aan boord van zijn schip bij
hem ter maallijd te komen. Openlijk betuigde de vorst,
toen hij afscheid van den Nedcrlandschen held nam ,
hem zijnen bijzonderen dank , door hem tot den adel-
stand te verhelfen, en eene jaarwedde van 2000 gulden
toe te leggen. Wij besluiten deze les, mijne jongo
Trienden ! met de voor onzen held zoo vereerende aan-
merking : » Hij bleef onder dit alles nederig en be-
scheiden , en vorstengunst en vriendschapsbetoon van
do grooten der aarde waren niet in slaat , hem zijne
geringe geboorte te doen vergeten ; nimmer schaamde
hij zich dezelve."
Ijeerlng, Hij, die niet hoogmoedig wordt» wanneer aan-
zienlijke mannen hem met hoogachting behandelen
< en ieder den mond vol heeft vaa zijnen lof, toont,
dat hy hem het iiart wel geplaatst is*
VEERTIENDE LES.
Krtdsiogim van de büiter Ugm de Turksehe
zeeroovers.
De hüiter had naauwelijks den roomvollen togt Tol-
bragt, waarvan wy in do vorige les gesproken hebben,
B 4 of