Boekgegevens
Titel: Oplossingen der vraagstukken, uit het eerste stukje van de Beginselen der meetkunde, van J.C.J. Kempees
Auteur: Stamkart, Johannes Adrianus; Heije, B.; Kempees, J.C.J.
Uitgave: Amsterdam: Weijtingh & Brave, 1860
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 669 H 18
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205366
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oplossingen der vraagstukken, uit het eerste stukje van de Beginselen der meetkunde, van J.C.J. Kempees
Vorige scan Volgende scanScanned page
138
Fig. 276.
Ybaagstok 329.
Zij (Fig. 276) AG = « en BP = dan is:
BD =: AB — AD = AB — AF
= —+
Uit de gelijkvormigheid der driehoeken BDG
en ABF volgt:
BD : AB = BG : BF
BD : DG = AB : AP,
__ BFXBD _ + -^b^)]
AB j/(4/i'-t-A»)
_ APxBD _
^^ — AB ~
bh
nu is PG=BP—BG =
waaruit:

en
Inh. A DEP = DG X FG ^ x ^ •
Vraagstdk 330.
Deze driehoek is regthoekig, want men heeft:
3» + 4' = 5».
Fig. 277. Construeer (Fig. 277) eenen
I willekeurigen regthoekigen
driehoek ABC, wiens zijden
I de gegeven verhouding heb-
I ben. Neem nu DE = AB
j en beschrijf daarop eenen
halven cirkel. Maak vervol-
' gens DF = iAC, rigt uit
F de loodlijn FG op en trek GD en GE. Verleng GD tot in
H, tot dat zij gelijk wordt aan M, de zijde van het gegeven