Boekgegevens
Titel: Vraagboek der bijbelsche geschiedenis
Auteur: Los, F.J.
Uitgave: Utrecht: Kemink & zoon, 1898
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6177
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205264
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Bijbelse geschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagboek der bijbelsche geschiedenis
Vorige scan Volgende scanScanned page
32
ZEVEN EN VEERTIGSTE LES.
Achab en Ella.
1. "Wie was IsraêVs krijgsoverste Omri?
Omri was als vorst de stichter der stad Saman'a,
en de vader van koning Achab, den overtuigden
Baill-dienaar.
2. Wie kondigde Achah Gods straf aan?
De profeet Eli'a de Thisbiet, die aan de beek
Krith en bij de weduwe te Zarfath wonderdadig
door God gespijsd werd.
'ó. Welke kloeke geloofsdaad verrichtte EUa na
de driejarige droogte?
Eiia liet door Obadja Achab tot zich ontbieden,
en deed op den berg Karmel de onmacht van
Baal op het duidelijkst uitkon^en.
4. Waarheen ontvlood EUa voor de bedreiging
van Izébel?
Eh'a ontvlood naar den berg Horeb, waar God
in het suizen eener zachte stilte tot hem kwam
en hem onder anderen opdroeg Eh'sa tot zijn op-
volger te zalven.
Leertekst 1 Kon. 18 : 21; Ps. 71 : 2.
ACHT EN VEERTIGSTE LES.
Achab en Ahazla.
1. Wat deed Achab, toen God hem tweemaal de
overwinning over de Syriërs schonk?
Achab spaarde Bénhadad, den koning van Syrië,
en daarom werd hem door een profetenzoon een
oordeel des doods aangezegd.