Boekgegevens
Titel: Vraagboek der bijbelsche geschiedenis
Auteur: Los, F.J.
Uitgave: Utrecht: Kemink & zoon, 1898
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6177
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205264
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Bijbelse geschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagboek der bijbelsche geschiedenis
Vorige scan Volgende scanScanned page
10
4. Hoe wordt in Job de Schrift gerechtvaardigd,
die zegt: „Let op het einde"?
„De Heere zegende Job's laatste meer dan zijn
eerste".
Leertekst Job 7 : 1; Ps. 73 : 1.
VIJFTIENDE LES.
Sfozes' Jeugd en roeping.
1. Wat maakte na 430 jaar aan IsraêVs verblijf
in Egypte een einde?
Farao's bevel om alle pasgeboren jonskens te
dooden, maar vooral de honderdjarige verdrukking.
2. Door wien heeft God Israël verlost?
God heeft Israël verlost door Mozes, den zoon
van Amram en Jochébed, uit den stam van Levi,
die met Zippóra, de dochter van den priester
Jéthro in Midian, huwde.
3. Hoe werd Mozes tot zijn verlosserswerk geroepen?
De Heere verscheen hem bij Horeb in een
brandend braambosch, en zond hem naar Faraö
om Israël uit Egypte te voeren.
4. Welke bezwaren opperde Mozes?
Mozes wist niet, welken bijzonderen naam God
droeg, Israël zou Mozes' goddelijke zending niet
gelooven, en hij zelf was zwaar ter taal.
Leertekst Ex. 3:5; Ps. 105 : 15.
ZESTIENDE LES.
De uittocht uit Egypte.
1. Wat verzocht Mozes van Faraö, en wat was
's konings antwoord?
Mozes verzocht, dat Israël drie dagreizen ver