Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
50
.m

ri|(„
als het land, en kan als eene voortzetting van hetzelve be-
sehouwd worden : hij bestaat uit vlakten , bergen , klippen ,
dalen, zandbanken, moerassige gronden , enz.; dezelve ligt
echter in het algemeen lager, dan het land , en hierdoor is
het, dat de zee de verzamelplaats is der wateren van onzen
aardbol. Zandbanken zijn hoogten van zand, dikwijls zeer
lang en breed, zonder afwisselende verheffingen en laagten.
Barren noemt men, in het bijzonder, die zandbanken, wel-
ke zich bij de uitwatering van eene rivier vormen , en wad-
den die , welke , bij de ebbe droog, bij den vloed overstroomd
worden. Duinen zijn hooge, langs de kusten der zee opge-
worpene zandhoopen , welker grootte van de opene zee, van
winden en zandbanken afhangt. Klippen heeten rotsen, die
of boven het water uitsteken, of tot bijna aan de oppervlakte
der zee toe reiken (blinde klippen), en riffen vormen, wan-
neer zij in het verborgene te zamen hangen. Gewoonlijk
loopen zij langs de oevers henen en breken op deze wijze
de golven. Koraalriffen, -klippen of -eilanden zijn die,
welke, van koraal- of andere plantdieren gevormd, van den
bodem der zee tot aan en boven derzelver oppervlakte om-
hoog wassen. Eilanden kan men beschouwen als hooge,
boven de oppervlakte der zee uitstekende bergen, of wel
als meer uitgestrekte hooglanden. Groote verzamelingen van
eilanden, bij elkander gelegen, hebben aan de zeeën, in
welke zij zich bevinden, den naam verschaft van Archipels
(Archipelagus).

Bqzonder aanmerkelijke zandbanken zijn de Doggersbank tusschen
Jutland en Engeland , en de groote bank van New Foundland , welke
135 mijlen lang en 15 m. breed is.
Voor Holland dienen de duinen in plaats van zeedijken. In Noord-
west-Afrika , van Mogadore tot aan kaap Blanco, loopt eene rij dui-
nen van 150 mijlen lang, als grensscheiding tusschen de Sahara en
de zee.
Koraaleilanden vindt men zeer rele, in de nabijheid der evenachts-
lljn, in de stille leo, b. v. de Vriendschapseilanden.