Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
AB
ril?
verhefTen, en welke wij boven de oppervlakte van het water
als eilanden zien uitsteken.
De voornaamste vulkanen in Europa zijn de Aetna , op Sicilië,
wiens geweldige lavastroom in 1669 de stad Catana geheel verwoestte;
de Hekla , op IJsland , waar in 1783 eene vlakte van 13 m. lang en 3
m. breed geheel met lava overstroomd w^erdj en de Vesuvius in Italië,
bij wiens hevige braking in 79 de steden Horculanum en Pompeji gan-
schelyk verzwolgen werden , welke eerst in 1711 weder ontdekt , en
sedert , althans ten deele , weder opgegraven zijn. Eene der gewel-
digste brakingen van den Vesuvius had plaats in 1744.
Sommige vulkanen , met name in Amerika, werpen ook dikwijls wa-
ter , slijk en gas uit, en heelen deswege lucht-, slijk- of moddervul-
kanen. Zulke uilbrakingen ontstaan gewoonlijk door groote stortre-
gens of overstroomingen , en verwoesten soms het land rondom meer-
dere duizend voeten wijd.
De stad Cumea of Cumae , ia Italië , is gebouwd in den krater van
eenen uitgebranden vulkaan. Ook het geheele gebergte van Quilo, in
Columbia , wordt voor een' geweldig grooten voormaligen vulkaan ge-
houden.
Hl
f'

l'Sfl'
h
De uitbrakingen der vulkanen worden gewoonlijk vooraf-
gegaan door rook- en vianikolommen , door ligte aardschok-
ken of een hevig beven van den aardbodem , en door een dof,
brullend geluid; terwijl bij de vulkanen, in zee gelegen,
tevens een geweldig koken en bewegen van het zeewater
voorafgaat, alsmede ontladingen van gas en dampen , welke
ligt ontbranden, en zich als vuurkolommen boven de opper-
vlakte van het water verheffen. De eigenlijke zitplaatsen van
het vuur der vulkanen noemt men gewoonlijk de haar-
den. Dat de vulkanen soms met elkander in verbinding
staan , laat zich misschien uit hunne ligging in groepen en
rijen vrij zeker vermoeden, terwijl zulks daardoor bij on-
dervinding wordt bevestigd , dat de brakingen van verschei-
den 'derzelve, zelfs op eenen aanzienlijken afstand van elkan-
der verwijderd, dikwijls juist ten zelfden tijde plaats gehad
hebben. Voorbeelden hiervan heeft men gehad in 1619,
1693 en 178^. De Vesuvius en de Aelna echter staan waar-
ijchijnlijk volstrekt in geene verbinding.