Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ii;
34
Van de lage en vlakke eilanden zijn sommige niets dan
zandbanken , andere door versteening of van koralen ontstaan.
Zijn ze, als eene ketting, vooral van liet eene vaste land
tot het andere , in rijen gelegen , terwijl de ruimte tusschen
de enkele klein cn ondiep is , dan kan men ze gerust als de
kruinen van eene voormalige, de beide vaste landen ver-
bindende , bergachtige streep land of bergschakel beschou-
wen.
Voorbeelden van afzonderlijk ontstane eilanden lieefl men , uit den
vroegeren Igd , in Anaplie (van avaipuivm) en Delos (van tTijAóo)) ,
beidein den Grieksclicn Archipel; in den nieiiweren lijd ontstond een
eiland bij Santorin , noordelyk van Crela , en in 1821 een ander bij
Sicilië, hetwelk echter thans reeds weder verdwenen is.
§ 7.
Gedaante, vooral van het vastland en deszelfs bijzondere
deelen.
Doordien het water op onderscheidene wijzen en in ver-
schillende mate , als het ware, in het land indringt, heeft
vooral het vastland eene zeer onregelmatige gedaante.
Sommige stukken land hangen slechts aan fle eene zijde door
ccne meestal smalle streep met het vastland zamen , terwijl zij
overigens geheel met water omringd zijn. Men noemt dezelve
schiereilanden.
Elders ziet men lange en smalle strepen land zich, dikwijls
zeer ver, in zee uitbreiden en in ecne spitse punt eindigen,
welke landtongen genoemd worden ; ginds verheft zich daar-
entegen op het uiteinde des lands eene hoogte, even als uit
de zee zelve opgerezen, welke een kaap of een voorgebergte
genoemd wordt, en ginds wederom verbindt ecne smalle streep
twee massa's lands, die anders door de zee zouden geschei-
den zijn , hoedanige streep , naar haren aard , eene landengte
pleegt genoemd te worden. Die deelen van het land , welke
langs dc zee gelegen zijn , worden in het algemeen kusten ,
cn , wanneer zij tusschen beiden door het water bedekt wor-
den, meer in het bijzonder, stranden genoemd.