Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
354
ook eenen sterken landbouw, doch munten zij vooral in
handwerken uit; zij zijn zelfs misschien de beschaafdste
natie van geheel Azie ; doch zij zijn ons slechts weinig be-
kend , daar de toegang tot het rijk geheel voor vreemden
gesloten is. Zij hebben eene eigene taal, zijn meerendeels
Buddhisten en leven onder eene despotische regering, en wel
onder een geestelijk opperhoofd, Dairi, en eenen wereld-
lijken keizer, Kubo genoemd.
Jeddo, op Nipon (c. 157'/»° L. en 36° N. B.), de hoofdstad en de
ictcl Tan den keizer, met c. l'/a mill, inwoners. — iWta/io, insgelijks op
Nipon (c. 153'/»° L. en 35° N. B.), dc zetel van den Dairi, mei c.
500,000 inwoners. — A'anjosaÄt, op Kiusiu (c. 147'/»° L.en 43° N. B.),
eene handelstad, met c. 60,000 inwoners, de eenige haven, waar ook
Chinezen en Nederlanders , doch ook deze alleen, toegang hebben.
V O O s-i n D 1 E.
(c. 87° — 101" L. cn 8" — 35° N. B.)
Voor-Indie vordt begrensd door Beludschistan , Afghanis-
tan , het Chineesche rijk (Tibet en Butan), Achter-lndie en
de Indische zee, is e. 63,000 v. m. groot, en bevat c. 132
mill, inwoners, grootendeels Hindoos, ten deele echter ook
Afghanen en Mongolen ; tevens worden er vele vreemdelingen
gevonden. De Hindoos, van den Kaukasischen stam, zijn
in het algemeen teer van ligchaam , doch overigens in kleur
cn gestalte zeer verscheiden. Zeer verschillende is ook hunne
beschaving; ten deele een woest rooversvolk, zijn zij tea
deele zeer zacht van aard en verdraagzaam. Kunsten en
wetenschappen zijn er niet onbekend; de landtaal heeft ver-
scheiden tongvallen , onder welke het Bengalcesch de meest
verbreide is , de oude , thans nog heilige taal is het Sanskrit;
de heerschende godsdienst het Bramaismus, zeer verbreid is
echter ook het Islam. Bijzonder groot is de nijverheid en
de kunstvaardigheid ; vooral worden er zeer fraaije en kost-
bare wollen en zijden stoffen vervaardigd; hoogst gewigtig
is ook de handel, die zoo wel te land als ter zee van hier
uit gedreven wordt. Voor-Indie bevindt zich thans grooten-
deels in de magt dar Engelsche Oost-Indische compagnie. —