Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
331
zoogenaamde militaire grenzen. Het wordt begrensd door Gal-
licie, Europeesch Turkije (Moldavië, Wallachije , Servie en Bos-
nië), de Adriatische zee, lllyrie, Stiermarken, Oostenrijk,
Moravie en Silezie, en is c. 6170 v. m. groot, van welk c. 3800
op het eigenlijke Hongarije komen. —Hongarije had van oudsher
koningen uit deu Magyarischen stam, doch sedert 1301 heerschen
vorsten uit verschillende familien. In 1327 kwam het Oostenrijk-
sche huis aan dc regering; evenwel heeft het land zijn' eigen rege-
ringsvorm behouden. De vertegenwoordiging bestaat uit de
magnaten-tafel (prelaten cn magnaten, ofhoogegeestelijkheid en
hooge adel), en de stenden-tafel (afgevaardigden van den lagen
adel ,de steden, enz.). De Koning wordt door den palatinus ver-
tegenwoordigd. — Het bevat in het geheel c. 14 mill, grooten-
deels Katholijke inwoners , van welke 10 mill, op Hongarije zelf
komen. De eigenlijke Hongaren spreken Magyarisch, de an-
dere volkeren, naar hunne afkomst, Slavisch of Wallachisch.
Ook bevinden er zich vele Duitschers , Grieken , Joden , Arme-
niers cn Zigeuners. De Hongaren zijn in het algemeen een
wel eenigzins ruw, doch dapper, stout, en vrijheid-cn vader-
landlievend volk. Een groot deel is nog zeer onbeschaafd,
vooral de herders in de Z. streken, en het talloos roofgespuis
in de gebergten. De hoofdbezigheden zijn landbouw, wijn-
bouw , veefokkerij en bergbouw.
Ofcn of Buda , aan den Donau Cc. L. en N, B.) , de hoofd-
stad en eene vesting , mei c. 35,000 inwoners , een kon. slot, schoone
oms(reken , en inineraalbronnen , door eene schipbrug verbonden met
hot tegenovergelegen — Pesth , de levendifjste en bloeijendste stad des
lands, met c. 60,000 inwoners , eene hoogeschool en andere weten-
schappelijke inrigtingen , vele fabrieken , en eenen aanzienlijken han-
del. — Presburg, aan don Donau (c. 3VA° L. en 48Vo° N. B.) de
voormalige hoofdstad, met c. 38,000 inwoners, een kon. slot,
vele fraaije gebouwen , eene hoogeschool, cn sterken wijnbouw. —
Dehreczijn, in de groole vlakte , ten O. van de Theiss Cc. 39^5° L.
en 47V2O pj^ g^^ ^ jyg^ c. 42,000 inwoners , veel landbouw, veefokkerij ,
natrum- , zeep- ,en andere fabrieken. — Maria-Theresia-slod, in de groote
vlakte , tusschen de Theiss en den Donau (c. L. en 46V» N. B.),
met c. 40,000 inwoners , gewigtige veeteelt , en sterken ooftbouw, —
Kecskemet, een groot vlek, in dezelfde vlakte (c. 37Vs° L. en 46"/iï®