Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
5
Ram Stier Tweelingen Kreeft Leeuw Maagd
T VU SS Q. «F
IVeegschaal Schorpioen Schutter Steenbok Waterman Visschen.
=0= 1TL '"V? ut; X
De teekens van den Dierenriem dienen als vaste punten ter
bepaling van de verschillende standen der planeten. Men moet
evenwel die teekens niet verwarren met de sterreheelden van
denzelfden naam , dewijl deze aan den hemel zich niet op
dezelfde plaats bevinden; b.v.: het teeken van den Ram ligt
thans in het sterrebeeld van de Visschen, dat van de Visschen
in het sterrebeeld van den Waterman, enz.
§ 8.
De Zon.
Dat prachtige hemelligchaam, hetwelk zich aan ons als
eene glansrijke schijf voordoet, is, hoewel in deszelfs voor-
komen , wegens de grootere nabijheid , zeer van de overige
verschillende, inderdaad ook eene vaste ster, en voor ons en
vele andere wereldligchamen de bron van licht en warmte.
De zon, een kogel van meer dan 19-1,000 geographische
mijlen in middellijn, staat in deze verhouding tot onze aarde:
Zij is in middellijn 112;
aan oppervlakte 12,700;
naar inhoud 1,-435,000
maal grooter dan deze.
De zon is ruim 20,000,000 geogr. mijlen van de aarde
verwijderd.
Een kanonskogel, die 600 voeten afslands in céne seconde aflegt,
zoude dus 26 jaren noodig hebben, om van hier Je ion Ie bereiken.
§ 9.
De Planeten.
Om de 7on , welke stilstaat, bewegen zich , volgens eene
onveranderlijke orde, in elliptische banen elf planeten , waar-
onder ook onze aarde, die mede eene planeet is. Zij blijven
alle, behalve de vier in de laatste tijden ontdekte, in hare
bewegingen aan den hemel, binnen den Dierenriem bepaald.