Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
m
Midden-Azie , en het W. deel van Midden^Aiie voor het vader-
land der tarwe ; de boekweit is eerst in de Middeleeuwen bij de
invallen der Mongolen naar Duitschland gekomen. De Europee-
sche volkeren , welke grootendeels uit de streken omtrent de
Zwarte cn de Kaspische zee gekomen zijn, hebben de tarwe en
andere graansoorten waarschijnlijk reeds vroeg mede naar Europa
overgebragt. Gerst en haver zijn ook van vreemden oorsprong,
maar de oudste graansoorten van Midden-Europa. Maïs of zoo-
genaamde Turksche tarwe is een voortbrengsel van Amerika,
doch thans ook reeds voor vele Z. landen van ons werelddeel
eene kostbare broodvrucht geworden. De rijst behoort in
Oost-Indie te huis, van waar dezelve naar W. Azie, vervolgens
naar Italië, en eindelijk door de Europeanen naar Amerika is
overgebragt. De gierst is in Ethiopië, de spelt in W. Azie te
huis. Eenen soortgelijken oorsprong hebben onze meeste
tuin- en keukenkruiden , onze bloem- en boomvruchten.
Zoo zijn de kers in Kreta, de bloemkool in Cyprus, de
peterselie in Egypte, de rammenas in China, de komkom-
mers in Astrakan, de meloenen in het land der Kalmukken,
en eenige soorten van uijen in Palestina te huis. De apriko-
zen zijn uit Armenie, de pruimen uit Syrië gekomen. Be
kersen hebben haar vaderland aan de Asiatische kusten der
Zwarte zee, de citroenen in Medie.de olijf - en de vijge-
boom stammen uit Azie, do sinasappels en moerbezien uif.
China, üe wijnstok is in de bergachtige streken van W. A-
zie te huis, van waar hij reeds vroeg over Palestina en
Klein-Azie, naar Griekenland en Italië, is overgeplant, doch
eerst honderd jaren voor het begin onzer tijdrekening heeft
zich deszelfs aanbouw in Italië, Frankrijk en Hongarije, cn
nog veel later in Duitschland uitgebreid , alwaar de Romeinen
denzelven aan de heuvels langs den Rijn hebben aangekweekt.
Amerika heeft ons in do aardappelen een tweede onschatbaar,
maar daartegen in den tabak een meer sehadelijk, dan nuttig
geschenk gemaakt (*).
(*) De aardappelen kwamen in 1623, door de zorg van den Kn-
gelschman Walter Raleigh , hel eerst naar Europa over , bleven lang