Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
228
ven j nog alleen beklommen cn verder onderzocht.
Zij verheffen zich over het geheel c. SOOO, eenige
kruinen echter tot 6000 of 7000 v. boven de opper-
vlakte der zee.
De gebergten op de eerste rij eilanden , welke het vast-
land omgeven , zijn van dezelfde vorming : het zijn geweldige
bazaltkege's , welke ten deele eene aanzienlijke hoogte be-
reiken. Ook verheffen zich op dezelve vele vulkanen, zoo
als er op Nieuw-Guinea en de naast gelegene eilanden alleen
15 gevonden zijn, onder welke Isle Bruiante, aan de O.
kust, een der geweldigste is. Op de eilanden, welke tot
Nieuw-Brittannie behooren , bemerkten de zeevarenden ver-
scheiden bergen , uit welke rook opsteeg, en weder ande-
re , die schenen uitgebrand te zijn. Ook op de eilanden
van den Salomons-Archipel, en op de Nieuwe Hebriden wor-
den vulkanen gevonden, alsmede op de eilanden van den
Archipel van Santa Cruz , waar de Sesarga en nog een an-
der vuurspuwende berg zich in werking vertoonden. Op
Nieuw-Zeeland zijn geene werkzame vulkanen ontdekt, doch
bewijzen de lava, puimsteen en andere vulkanische uitge-
worpene stoffen genoegzaam , dat ook hier eens vuurspuwende
bergen gewoed hebben, waar tevens de hoogste gebergten
van Australie gevonden worden , van welke
De Egmont zich tot 14,760 v. , en verscheiden andere
bergen tot over de 10,000 v. boven de oppervlakte
der zee verheffen, daar zij, onder c. 40° B- gelegen,
reeds met eeuwigdurende sneeuw bedekt zijn.
De gebergten , welke zich op de tweede rij der Australi-
sche eilanden bevinden , hebben eenen zeer bijzonderen vorm ;
bet zijn bazalt- of tntpkegels, die meestal het midden van
het eiland bedekken , en rondom welke het land, naar de
zee toe, terrasvormig afvalt; eenige onder dezelve zijn vul-
kanen. Op andere wordt in het midden een meer gevon-
den, welks bekken misschien de krater van eenen uitgebran-
den vulkaan is. Bijna alle zijn met hooge klipriffen omge-
ven. — Ook de lage eilanden hebben soms hunne tafelber-
gen, welke zich echter slechts lot eene geringe hoogte ver-
heffen.