Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
223
Het Titicaca- of Chucuito-meer, in Peru, van 13'/»° Z.B.
tot 1673° Z B. en van c. 807'/j° tot 808Vj" L. Grootste
lengte = 21'/j, grootste breedte = 42, kleinste breedte =
Vi ni., en geheele uitgestrektheid = 241 v. m.
AUSTRALIË.
Grenzen , grootte en verdere algemeene verhoudinyen.
Australië (Zuidland), ook Polynesie of Zuid-Indiegenoemd,
bevat al het land, of liever, alle de eilanden, welke, tus-
schen de O. kust van Azie en de W. kust van Amerika, in
den Grooten Oceaan gevonden worden, en niet zoo digt bij deze
kusten gelegen zijn , dat zij als tot dezelve behoorende kunnen
beschouwd worden.
De grenzen van dit werelddeel kunnen bepaald worden
door eene lijn, getrokken van de N. W. punt van Nieuw-
Holland (c. ll'/i" Z. B. en UQ'/»" L.) tot de Z. W. spits
van Jfieuw-Guinea, cn voorts vandaar eerst langs de Z, \V.
kust van dit eiland, eu vervolgens langs de W. punt van
Misole, Waidshu, Lord North, St. Andreas en Johannes,
tot hef meest N. punt der Marianen ; van het N. punt der
Marianen verder O. waarts, met eenen boog tot c. 32°N. B.
uitspringende, tot de N. O punt van Paxaros of het Vogel-
eiland (c. 27° N. B. en 243° L.) : van hier Z. 0. waarts, langs
de O. kust van St. Thomas cn La Nublada, tot het Z. O. punt
van Sala y Gomez (e. 27° Z. B. en 272° L.) ; en eindelijk
van hier, met eenen grooten Z. waarts uitspringenden boog,
tot aan kaap Leeuwin, de Z. W. spits \'an Nieuw-Holland ,
en voorts langs de W. kus^, tot het punt, van hetwelk wij
zijn uitgegaan. De geheele uitgestrektheid van dit werelddeel
beslaat eene oppervlakte c. IRO.OOO v. m.
Nieuw-Holland, het grootste eiland niet alleen van dit
werelddeel , maar ook van do geheele aarde, hetwelk dan
ook deswege als een vastland beschouwd wordt, maakt het
Z, W. gedeelte van Australië uit (c. 107»°—397»° Z. B.
en 130Vï°—17174° L-)- Het heeft eenen zeer rcgelraatigen ,
slechts weinig ingesneden vorm ; het breidt zijne smalste zijde