Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
220
der geheele aarde, ontstaat in Peru uit twee bronrivieren :
uit de Ucayali, die weder uit twee kleinere rivieren gevormd
wordt, de Fari (Parobeni) en de Apurimac, die beide (e. IS"
Z. B.) ten W. van het Titieaea-meer in de Anden ontspringen ;
en uit den Boven-Marannon , die uit het kleine meer Laurico-
eha, bij de stad Guanueo (e. 11° N. B), zijnen oorsprong
neemt, eerst de Anden vergezellende N. W. waarts loopt,
bij Jaen (e. 6° Z. B.) bevaarbaar wordt en eene 0. rigting
neemt, vervolgens het water van verscheidene bijrivieren
ontvangt, en zich omtrent Negis (c. Z. B. en 306Vj° L.)
met de Ucayali vereenigt. Van dit vereenigingspunt af be-
houdt de Amazonenstroom ook steeds eene O. rigting , ter-
wijl hij ter wederzijden eene menigte bijstroomen ontvangt,
van welke de voornaamste zijn: do Napo, de Ica, de Japu-
ra , de Negro , door welke de verbinding met den Orinoco
plaats heeft, de Javary, Jatay, de Puros, de Madera, eene
rivier zoo groot als de Donau, de Topajos en de Xingu. Na
de laatste opgenomen te hebben , verwijdt zich de Marannon
zoo zeer, dat men van den eenen oever den anderen niet
meer erkennen kan, en stort zich voorts, door twee hoofd-
inondingen, welke het eiland Joannes omgeven, en van
welke de Z. de Tajpura , en, na de Tocantin, mede eene
zeer aanzienlijke rivier van Brasilie, opgenomen te hebben,
Gran-Para genoemd wordt, in den Atlantischen Oceaan , waar
dan , tusschen de wateren des strooms en die van de zee ,
eene geweldige worsteling onstaat, waarbij, ook nog op
eenen aanmcrkelijken afstand , de eerste boven de laatste de
bovenhand houden. De geheele loop van den Amazonen-
stroom is 730 m. lang, en de uitgestrektheid van deszelfs
gebied 88,400 v. m. groot.
De Rio de la Plata , welke uit de verceniging der Pa-
rana en der Paraguay gevormd wordt. De laatste ontspringt
(e. 13" Z. B. en 32° L.) in het Brasiliaansch gebergte,
stroomt Z. waarts, en neemt de St. Lorenzo, de Taquari,
de Pileomajo en de Vermejo op De andere, de Parana,
die insgelijks (c. 23° Z. B. en 832° L.) in het Brasiliaansche
gebergte, niet verre van dc bronnen der St. Francisco,