Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
219
bij het opnemen van den Maria, O. waarts wendt, vervol-
gens de Milk , de Yellowstone en den Kleinen Missouri op-
neemt, voorts Z. 0. waarts stroomt, de Cayenne, de White,
de Quircourcc, de Jaeque, de Sioux , de Platte , de Kan-
sas en do Osage opneemt, en na eenen loop van 380 m. den
Missisippi bereikt (e. SSiVij" N. B. 28772" L.). De stroom
krijgt nu eene zeer aanzienlijke breedte en ontvangt, op zij-
nen verderen steeds Z. waarts gerigten loop , links de schoone
Ohio , de Tenessee en eenige kleinere rivieren, en regts ,
behalve verscheiden geringere, den grooten Arkansas en de
lied-rivier of de Iloode rivier, na welke vereeniging de
Missisippi 2400 breed, en 120 v. diep is. Beneden Nieuw-
Orleans ontlast hij zich , door drie hoofdarmen , in de golf
van Mexico, welke hij in het uur 1,163,000,000, kub. v.
water toevoert. De geheele loop v<»n dezen stroom bedraagt,
van de bron der Missisippi af, 288, en van de bron der
Missouri af, 730 m.
B. In Zuid-Amerika.
De Orinoco ontspringt (c. 3° N. B. cn 31 P/s L.) uit een
meer in het midden van het Orinoco-gebergte, heeft eerst
eene Z. O. en vervolgens eene Z. W. rigting, en neemt
door verscheiden toevloeden aanzienlijk in grootte toe, nog
voor dat hij Buena Guardia bereikt. Hier loopt hij zamen
met de Casiquari, een' arm van den Rio Negro, die een
bijstroom van den Marannon is, zoodat door dezelve eene
natuurlijke verbinding tusschen den Orinoco en den Maran-
non bestaat. Vervolgens heeft hij eene N. W. en, na de
Guaviari met de Ynirrita opgenomen te hebben, eene N.
rigting, in welke hij de Meta en andere bijstroomen op-
neemt ; doch, na de wateren der Apure ontvangen te heb-
ben , is zijn loop volkomen 0. Eindelijk , na nog de Caroni
en de Paragua opgenomen te hebben , ontlast zich de Orinoco
door eene menigte armen, van welke de meest 0. de sterk-
ste is , in den Atlantischen Oceaan. De loop van deze ge-
kromde rivier is 330 m lang, gedurende welken hij ver-
scheiden watervallen vormt.
y?e Marannon nS de Amazonenstroom, dc groolslc rivier
L