Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
217
II.
VLAKTEN.
De vlakten van Amerika onderscheiden zich vau die der
oude wereld niet slechts door hare grootte, maar ook door
rijke bewatering en vruchtbaarheid. Geene dorre en gloei-
jende zandwocstijnei. doen zich hier aan ons oog voor, maar
onafzienbare grasvelden breiden zich bijna waterpas uit, en
in plaats van eene zandzee, golft hier eene zee van kruiden.
De bodem is, ofschoon in onderscheidene streken zeer ver-
schillende , toch over het geheel, waar de natuur niet door
de felle N. koude met sneeuw en ijs begraven ligt, zeer
vruchtbaar, en in de' oorden omtrent do keerkringen zelfs
hoogst weelderig. Met name komen hier voor :
A. Noord-Amerika.
De vlakten van den Missisippi en Missouri en die van
Canada, tusschen de Cordilleras ten W;, en het Alleghany-
gebergte ten O., en van de golf van Mexico ten Z., tot
aan de N. IJszee, c. ISOOOO v. m. groot, in het meest N.
deel voortdurend, en zelfs omtrent de groote meren van
Canada een groot gcdeolte des jaars, met sneeuw en ijs
bedekt. Het Z. gedeelte, door den bergrug der Zwarte Heu-
vels van het JN'. gescheiden, is geheel door den Missisippi
en deszelfs bijstroomen doorsneden, welker boomlooze doch
vruchtbare vlakten ten deele met zeer hoog gras bedekt zijn,
en Savannen of Prairiën genoemd worden.
B. In Z Amerika.
De Vlakten van den Orinoco, tusschen de Anden ten W.
en ten N., en het hoogland van Guyana ten Z. en ten O.,
c. 16,0000 V. m. groot. Zij zijn met geweldig hoog gras be-
dekt, en worden Llanos genoemd.
De Vlakten van dén Amazonenstroom, tusschen de An-
den ten W., het hoogland van Guyana en het Orinoco-ge-
bergte len N., het Brasiliaansch gebergte ten Z., cn den
Atlantischen Oceaan ten W. , c. 143,000 v, m. groot, door
den Marannon en deszelfs talrijke bijstroomen honderdvoudig
doorsneden, grootendeels met bosch begroeid , en luet eene