Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
216
Uet Brasiliaansche gebergte ol hoogland, in l\et 0. van Z.
Amerika , tusschen den Atlantischen Oceaan , en de rivieren de
Uruguay, de Parana, de Paraguay, de Magdalena en het
gebied van den Amazonenstroom , bestaande uit eene groote
menigte zamenhangende , kronkelende en zich veelvuldig door-
kruisende bergketenen , v/elke over het geheel slechls eene
geringe hoogte bereiken. Men kan hetzelve gepast in het
kustgebergte en in het binnenlandsch gebergte verdeelen.
Het eerste verheft zich nergens hooger dan 3000 v., terwijl
het tweede, meer eene geheele en zamenhangende keten,
welke zich, van de monding der La-Plata tot aan kaap
St. Rochus, langs de kust uitbreidt, zich wel eenigzins hoo-
ger verheft, doch ook nergens boven de 3000 v.
Het Orinoco-gebergte, in het N. O. van Z. Amerika, tus-
schen den Orinoco ten W. en N. W., den Atlantischen Oce-
aan ten N. O. en het gebied van den Amazonenstroom ten
Z., bestaat uit verscheiden zich onregelmatig door elkander
heen slingerende bergketenen. De hoogste punt van het-
zelve is de Duida (e. 8° N. B. en 312' L.), welke zich tot
bijna 8000 v. boven de oppervlakte der zee verheft.
Het Aleghany-gehergte of de Apalachen , een zamenhan-
gend stelsel van bergketenen , welke onder zeer verschillende
namen voorkomen , tusschen de golf van Mexico ten Z., den
Missisippi ten W. , de Canadasche meren en den St. Laurens-
stroom ten N., en den Atlantischen Oceaan ten 0. De
hoofdketen heeft hare rigting van het Z. W. naar het N.
0., en breidt zich van den linker oever van den Missisippi
(c. 33° N. B., en 287° L.), tot tegen de monding van den
St. Laurensstroom uit, terwijl de zijtakken deels N. W.
waarts naar de terraslanden van den Missisippi en naar de
groote meren afvallen , deels zich Z. 0. waarts in de kust-
landen van den Atlantischen Oceaan verliezen. Do middel-
bare hoogte van. dit gebergte is c. iOOO v. , terwijl zich
leifs eenige kruinen tot boven de 6000 v. verheilen.