Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
210
AMERIKA.
Grenzen., grootte en verdere algemeen verhoudingen.
De westveste ot de nieuwe wereld , naar haren eersten be-
schrijver, Amerigo Vespucci, Amerika genoemd, strekt zich
op het W. halfrond, van de N. koude zone Z. waarts, door
de N. gematigde en de geheele heete zone, tot over het mid-
den der Z. gematigde luchtstreek uit, zoo dat dit werelddeel
van alle degrootste lengte heeft, en wel vau het N. naar het
Z., terwijl de werelddeelen der oostveste hunne grootste uit-
gestrektheid van het O. naar het W. hebben.
Aiiierika wordt ten N. begrensd door de N. IJszee, ten O.
door den Atlantischen Oceaan , ten Z. door de straat van Ma-
gellaan , cn ten W. door den Grooten Oceaan.
Do grootste uitgestrektheid van hetzelve , van c. 80° N. B.
(het uiterste bekende punt van Groenland) tot c. 56° Z. B,
(kaap Hoorn), bedraagt meer dan 2000 g. m.
Het vastland van Amerika is door de natuur in cene N. en
in eene Z. helft verdeeld , welke, ongeveer in het midden van
deszelfs geheele uitgestrektheid , door de landengte van Pana-
ma verbonden zijn, die op de smalste plaats slechts 6 m. breed
is. Beide helften hebben den vorm van eenen driehoek , wiens
tophoek naar het Z. gerigt is , terwijl de basis bij beide van
het Z. 0. naar het N. W. gelegen is.
Het bekende vastland van N. Amerika heeft, tot aan het
smalste jiunt der landengte van Panama of de grenscheiding
tusschen iV. en Z. Amerika (e, 9° N. B. en 295° L.), eene
lengte van meer dan 1060 g. m. Deszelfs grootste breedte,
tusschen kaap Prins Wales (c. 209° L.) en kaap Charles (c.
322° L.), bedraagt c. 750 g. m. cn de geheele uitgestrektheid
der oppervhakte c. 350,000 v. m.
Z. Amerika heeft eene lengte van bijna 1000 m., en, van
kaap Blanco (c. 4° Z. B. en 296'/!° L.), tot aan kaap St.
Rochus (c. 5° Z. B. en 842Vj° L.), eene breedte van bijna
750 m. De uitgestrektheid der geheele oppervlakte bedraagt
321,000 V. m.
Het meest ligt N. Amerika , door menigvuldige bogten , voor