Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
133
hunne grootste hoogte bereikende, weder meer naar do Tyr-
rheenselie zee wenden , en niet deze min of ineor evenwijdig
voortloopen tot aan het Lagj di Pesole (c. -40^6° N. ß. en
S8'/j° L.), waar zij zich in twee lakken verdoelen , van welke
de een meer O. waarts voortloopt, tot hij, op den Z. 0. uit-
hoek van Italië, in de kaap St. Maria di Leuca eindigt, en
de ander zich Z. waarts uitstrekt , tot aan de straat van Mes-
sina, aan gene zijde van welke hij zich nog verder op Sicilië
uitbreidt, en wel in den vorm van een' drietak, welke op
de drie punten van dit driehoekig eiland in even zoo vele
kapen uitloopt, met name, in die van St. Vito, de W. , die
^'an Peloro, de N. O., eii die van Passaro, de Z. 0. — In
het algemeen beslaan de Apennijnen uit kalksteen, welke, bij-
zonder op de N. helling, het schoonste marmer oplevert; zij
zijn op hunnen breeden rug dor en kaal, terwijl daarentegen
de valleijen vruchtbaar, uoschrijk en weelderig zijn. Dezelve
verhinderen zoozeer het verkeer, vooral tusscheu de O. en
W. kuslen, dat zich hier uit de verdeeling van Italië in zoo
vele elkander geheel vreemde staten mede verklaren liiat.
Merkwaardige punten zijn de
Bochetta , ten noorden van Genua (-44'/»° N. B. en 26'/i°
L.), met eenen bergpas.
Monte Acuto , op de grenzen van Parnia, Modena en
Toskane, (44'/j° N. B. en ^T'/s" L.).
Monte Simone , in hot Z. van Modena (44'/j° N. B. en
"20° L.), 6500 v. hoog
Monte Falterona N. B. en 29'/i° L.).
Monte Vernia (48'/»° W. B. en 287»° L.).
Monte Sybilla {Fiscellus), 7000 v. hoog (42'/8° N. B.
en bijna 31° L.).
Monte Calvo (c. 42'/»° N. B. en 31° L.).
Gran Sasso d' Italia (e. 42'/8'' B- en3l'/,°L.), de
hoogste punt der Abruzzcn en tevens de hoogste
berg -.an Italië, 12,400 v. hoog.
Monte Vellrno [in Velinus), 7700 v. hoojj ^42'/»° N. B.
en c. Sl'/,° L