Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
126
met de kusten , zich Z. W, waarts bijna tot aan
Marseille uitstrekken.
Be Leberon, W. waarts, die omtrent tot aan Avi-
gnon toe reikt.
Het^ Sure-gehergte, mede W, waarts, ten N. van den
voorgaanden, hetwelk zich echter weder N. waarts
wendt, en met de takken der Cottische Alpen za-
menloopt, met den
Mont Ventoux , ten N. O. van Avignon , hoog 6227 v.
Bijzondere hooge bergen der Zee-Alpen zelve zijn
overigens de
Col di Tenda (44V*° N. B. en 25'/.° L.) , 5500 v. hoog ,
over welke een der hoofdwegen van de zeekusten naar
Lombardije voert.
Col de Fenêtre, 8500 v. hoog.
Col Maurin N. B. en 24'/i° t.).
'Mont de Sesirières (c. N. B. en L.).
De Cottische Aîpe n hiopen , als een vervolg der Zee-
Alpen, van den Monte Visa af, met eene uitbuiging
naar Ket W., verder N. waarts, tot aan den Mont Ce-
nis. Derzelver voornaamste koppen zijn de
Monte Viso (Vesula) ; (44'/i° N. B. en 24Va° L.) , 11,800 v,
hoog , met de bron der Po.
Mont Genèvre , die ongeveer het middelpunt derzelve vormt,
met de bronnen der Durance en der Dora Ripera^ en met
eenen pas 1er hoogte van 5950 v.
Tevens breiden zij zich ten westen uit in Dauphiné ^
waar , als xle merkwaardigste, voorkomen de
Mont Olauy 12,310 v. hoog, len W. Z. W. van Briancon,
hetwelk zelf 4000 v. hoog ligt, en de
Mont Ohious, 11,200 v. hoog, ten N. W. van Gap.
De Graauwe Grajische Alpen strekken zich , weder als
een vervolg der vorigen en als een tweede vervolg der
Zee-Alpen, van den Mont Cenis, verder N. waarts,
met eene uitbuiging n.iar het W. uit, tot aan den
Montblanc. Bijzondere koppen derzelve zijn de
Mont Cenis (45V.° N. B. en 24^6° L.), over welke de ge-
wigtig&te straat van Frankrijk naar Italie loopt, die eene
hoogte van 6144 v. bereikt.