Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
106
gebruikt. Zoo heeten in Brazilië de afstammelingen van blan-
ken en inboorlingen niet Mestizen , maar Mammelukken,
terwijl men daarentegen onder Mestizen die van Negers en
inboorlingen verstaat.
§ 117.
Ontaardingen.
Behalve deze afwijkingen van de boofdr.assen des mensehe-
lijken geslaehts , hebben ook somwijlen, echter steeds onder
bepaalde verhoudingen der luchtsgestcldheid, nog enkele,
bijzondere ontaardingen plaats. Zoo worden onder de Ne-
gers , nu en dan , van volkomen gezonde ouders, bij andere
gezonde kinderen, enkele geboren, welker huidkleur niet
blank of zvvart is, maar van een afzigtelijk krijtwit ; dezelfde
kleur hebben hunne haren, en bet inwendige van het oog
is niet zwart, maar roodachtig. Deze ongelukkige menschen
worden witte Negers, Albinoos, Blaffards, of ook wel Kak-
kerlakken genoemd , en zijn van eene bijna dierlijke stomp-
zinnigheid ; hun ligchaam is zwak , en hun oog kan het dag-
licht niet verdragen. Ook in andere streken , in de nabijheid
van den evenaar, op de landengte van Panama en op de Sun-
da-eilanden , zijn zulke menschen niet zelden. In de noor-
delijke landen, doch meest slechts in zeer bergachtige stre-
ken , in het bijzonder in de valleijen van bet Saltsburgsche
en van Walliserland , vind men iets gelijksoortigs. Ook hier
worden van gezonde ouders, bij andere gezonde kinderen,
somwijlen zulke geboren, die, zwak van ligchaam en van
geest, min of meer stompzinnig zijn, zoodat vele niet eens
leeren spreken, en , als volkomen bulpelooze wezens, door
anderen moeten gevoed worden. Ook zij hebben roodach-
tige oogen, en gewoonlijk onderscheiden zij zich nog door
eene sterke zwelling der balsklieren of zoogenaamde krop-
pen ; men noemt ze Fexen of Cretins. De oorzaak van dit
verschijnsel ligt nog geheel in het duister. Gewoonlijk geeft
men de schuld aan bijzondere eigenschappen van het water
in die bergstreken, waar ook buitendien , bij anders volko-
men gezonde en welgemaakte menschen , de kroppen in het
algemeen menigvuldig zijn.