Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
105
waar hij als vreemdeling verkeert, steeds zijn eigenaardig
uiterlijk. De Hebreër onderscheidt zich, als Asiaat, van den
Duitscher of den Franschma'i, meest bij den eersten blik. —
Slechts na eeisen onbepaald langen tijd zal het misschien ge-
schieden , dat de blanken onder den brandenden hemelstreek,
in de nabijheid des evenaars , door vele geslachten heen , dc
zwarte kleur, cn de Negers vi'ederkcerig, na vele eeuwen,
wanneer zij hun geslacht in koude landen voortplanten , het
bkuike vel van den Europeaan erlangen.
§ 116.
Vermenging der koofdstammen.
Alleen door vermenging, in het huwelijk tusschen ver-
schillende ras,sen , gaat allengskens de onderscheidende trek
zigtbaar verloren : de kleur en de gestalte yan hot eene
ras versmelten met die van het andere, of beide drukken
zich minder sterk uit. — En zoo zijn reeds uit dc vermen-
ging van verschillende rassen, hier en daar, enkele men-
schenjtammen ontstaan , welker oorsprong en zamenhang met
een dezer vijf hoofdrassen soms zeer twijfelachtig is. Het
meest verscheiden is de vermenging der rassen in Amerika,
waar bij de Oorspronkelijke inwoners , behalve de zich daar
gevestigd hebbende Europeanen , nog de als slaven derwaarts
gevoerde iSegers gekomen zijn. De hoofdoiiderscheiding , welke
men daar maakt, is die tusschen blanken en kleurlingen;
onder de eersten worden de Europeanen en derzelver onver-
mengde afstammelingen verstaan, onder de tweeden alle ove-
rige , zoowel zuivere, als vermengde stammen. Tot de kleur-
lingen behooren derhalve, behalve do IVegers en de inboor-
lingen van Amerika, alle menschen, die uit de vermenging
der drie rassen ontproten zijn. Gewoonlijk noemt men Mu-
latten, die uit de verbinding van Europeanen en Negers ont-
staan zijn, en Mestizen, die uit de gemeensehaiipelijke ver-
eenigirig van Europeanen en Amerikanen gcproten zijn. De
kinderen van ouders, in Amerika geboren, heeten Kreolen,
en gelijker wijze die van Negcrouders, in Amerika verwekt,
Kreolennegers of IXcgerkreolen. Echter worden deze namen
^liet in alle landen van Amerika in eene gelijke beteekenis