Boekgegevens
Titel: Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Auteur: Schröder Steinmetz, Lodewijk Adolf
Uitgave: Groningen: W. van Boekeren, 1839
2e verm. en verb. dr; 1e uitg.: 1835
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 1172 E 34
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205249
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene grondbeginselen der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
78
1
m
I

§ 80.
Waterachtige luchtverschijnselen.
Wanneer de vochtige dampen zich verdigten en in eenen
drnpbaar-vloeijetidcn toestand beginnen over te gaaan, dan
worden dezelve zigtbaar , en brengen de waterachtige lucht-
verschijnselen te weeg. Tot deze behooren de nevels, de
wolken , de regen , de .sneeuw, de hagel, het ijs, de dauw
en de rijp. Treden namelijk die vochtige deelen uit hunnen
vroegeren, nog onverklaarbaren toestand indien van damp
te voorschijn , dan ontsf.t.an nevels, en , bij meerdere verdig-
ting en stijging, wolken. Vereenigen zich die dampblaasjes
der wolken tot druppen, of liever, .scheiden zij zich als drup-
pen af, dan begint het te regenen. Is met het ontstaan van
den regen nog eene jdotsclijke plaatselijke koude verbonden,
dan ontstaat de hagel, die gewoonlijk van onweder vergezeld
is, cn welks wording nog veel raadselachtigs heeft. De sneeuw
ontstaat even als de regen . doch bij eene in de lucht alge-
meen verbreide koude , we.swege zij aan het koude jaargetijde
bijzonder eigen is. De menigvuldige , regelmatige vormen der
enkele sneeuwvlokken zijn zeer bewonderenswaardig. Deels
door eenen onzigtbaren vochtigen nederslag uit de lucht,
deels door het uitwasemen der ligeliamen, bij verminderde
warmte, ontstaat de dauw , cn wanneer de ligchamen , aan
welke hij zich hecht, koud genoeg zijn , de rijp. Met den
Hyctometer wordt dn menigte van don regen , welke in eenen
bepaalden tijd nedervalt, gemeten.
§ 81.
Verhevelingen of glansrijke luchirerschijnselen.
De luchtverschijnselen, welke ontstaan door de terugkaat-
sing , breken en buiging der lichtstralen , noemt men glans-
rijke of optische meteoren. Het zijn deze: de schemering,
het morgen- en avondrood, het watertrekken der zon, de
kleurige bergsehaduwcn , en kringen om de zon en de maan,
de nevenzonncn en bijmanen, de regenboog, het licht van
den dierenriem of het zodiakaallicht , en de luchtspiegeling
of kimming (mirage , fata morgana).
w
I'
Li