Boekgegevens
Titel: Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Deel: I Oude geschiedenis
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1882
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2417
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205208
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
DE PELOPONNESISCHE OORLOG. ' ^ I
Deze, door dit uitzicht verlokt, zonden eene vloot,
die de Corinthische bij Sybota versloeg. Tegelijk bele-
gerde eene andere Atheensche krijgsmacht de Corinthi-
sche kolonie Potidaea, om haar te dwingen zich bij het
verbond aan te sluiten. Om beide redenen beklaagde
Corinthe zich op den bondsdag bij Sparta. Evenzoo deed
ook het Dorische Megarisdat wegens een gepleegd
onrecht uitgesloten was van de Atheensche markt, het voor-
naamste bestaansmiddel zijner bewoners. Sparta hoorde
hunne klachten gretig aan en zond een gezantschap met
een reeks van grieven en eischen naar Athene. Pericles
evenwel bewees in eene schitterende redevoering den
burgers, dat het den Spartanen slechts om zijn val en de
verzwakking van Athene te doen was. en verkreeg, dat
de gezanten onverrichter zake werden teruggezonden.
Zóó was de oorlogsverklaring onvermijdelijk en begon
de voor Griekenland zoo noodlottige Peloponnesische
oorlog (431—404.)
§ 47. Wij onderscheiden in dien oorlog vier verschil-
lende tijdperken. In het eerste, den zoogenaamden .^rr/«'-
damischen oorlog (431—421), deed koning Archidamas
van Sparta jaarlijks zomerveldtochten in het Attische land ,
terwijl de Atheners met hunne vloot de Peloponnesische
kusten plunderden en eene geheele Spartaansche vloot
bij Gythium vernietigden. De Attische boeren vonden
voor de verwoestingen der Spartanen met hun vee en goe-
deren eene toevlucht binnen de muren tusschen Athene
en den Piraeus. Door de opeenhooping van zooveel