Boekgegevens
Titel: Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Deel: I Oude geschiedenis
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1882
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2417
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205208
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
68 DE ËEUW VAN PERICLES.
voor den ondergang heeft behoed, Athene's naam nog
altijd met een lauwerkrans siert en ook op de beschaving
van later tijden beslissend heeft ingewerkt, in 't kort het
beste erfdeel, dat Pericles aan zijne medeburgers kon
nalaten.
de peloponnesische oorlog.
§ 46. De vrede van Pericles had slechts voor korten
tijd een einde gemaakt aan de twisten tusschen Sparta
en Athene. De toenemende bloei der Jonische stad maakte
Sparta's ijverzucht steeds heviger en het wachtte slechts
op eene gunstige gelegenheid om zijne mededingster te
vernederen. Van twee kanten werd den Spartanen die ge-
legenheid geboden. Reeds in de tijden van Periander
was er eene veete ontstaan tusschen het Dorische Co-
rinthe en zijne kolonie Corcyra (het tegenwoordige Corfu).
De laatste had van haren kant weêr eene kolonie ge-
sticht op de Illyrische kust, het bloeiende Epidamnus.
Toen nu bij een burgertwist uit deze stad de adel ver-
dreven was, verkregen de verdreven aristocraten de hulp
van Corcyra, terwijl de bewoners van Epidamnus,nadat
Corcyra hun bijstand geweigerd had, zich tot Corinthe
wendden. Een oorlog tusschen beiden was het gevolg,
waarin de Corcyrenzers zóó in het nauw gebracht werden,
dat zij tegen de belofte, dat zij toe zouden treden tot
het Delisch verbond, de hulp der Atheners inriepen.