Boekgegevens
Titel: Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Deel: I Oude geschiedenis
Auteur: Bruyne, J.A. de
Uitgave: Schiedam: J. Odé, 1882
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 2417
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_205208
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Algemeene geschiedenis ten gebruike bij het middelbaar en gymnasiaal onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
41 LAND EN VOLK. ^
of den Peloponnesus. In het eerste bestonden slechts twee
landschappen, het rijke dal van Thessalië, door den
Peneus doorstroomd, en overal door gebergten, waar-
onder den Olympus, den zetel der goden, van de zee
afgesneden, in het Oosten, en het bergachtige Epirus
in het Westen. Hellas bevatte van het Oosten naar het
Westen de staten Attica, Boeotië, het heilige Delphi,
Phocis, Locris en Doris, en in het westen, Aetolië en
Acarnanië. In den Peloponnesus lag in het midden het
van de zee afgesloten bergland Arcadië, omgeven in het
Oosten door Argos, in het Zuiden door Laconië en
Messenië, in het Westen door Elis, en in het Noorden
door Achaia. De verbinding met Hellas vormde de Isth-
mus van Corinthe met den diolkos, een soort spoorweg,
waarover de schepen op rollen naar de andere zijde
werden getrokken, en de bloeiende steden Corinthe en
Sicyon. Van de eilanden eindelijk hebben Corcyra en
Ithaca in het Westen, Creta in het Zuiden, Paros, Naxos,
Samos, Lesbos in het Oosten, ieder op zijn beurt, hun
rol in de geschiedenis vervuld.
§ 28. Niettegenstaande de verscheidenheid van staten
en staatjes, waarin Griekenland door de natuur verdeeld
was, bestond er toch tusschen alle een band, die hen
tot één enkel volk, eéne enkele natie vereenigde en hen
scherp onderscheidde van hunne naburen, die zij met
verachting »barbaren" noemden. Grieken noemden hen
de Romeinen, Hellenen noemden zij zich zelve. Zij spra-
ken ééne enkele Grieksche taal., een tak der Indo-Euro-
J-